Voor allen

Gelukkig nieuwjaar! (Alvast)

Voor al mijn lezers vandaag. (Alledrie)

😉

Advertisements

De Kerstboom

Ik moet bekennen dat ik regelmatig gebruik maak van mijn kinderen.

Ik laat ze oma bellen (“Zeg maar: ‘Oma, mag ik komen logeren?’”), ik stuur ze op leuke ouders af (“Ga maar met dát kindje spelen”) én ik gooi ze in de strijd, wanneer ik mijn zin wil doordrijven.

Zo wil Paul altijd meteen na Kerst de kerstboom weghalen. En ik wil dat niet. Zo gezellig, die lampjes. Zo knussig, dat stalletje. Het liefst laat ik het ding staan tot eind januari. (Ondanks dat hij al twee keer is omgevallen, bovenop Annabelletje en Tuffy.) Ik vind hem gewoon leuk, die kerstboom. Bovendien wil ik rústig aan het nieuwe jaar kunnen wennen.

Dus toen Paul gister alweer onrustig werd, stuurde ik Lizzy op hem af. Uiteraard nádat ik haar wat had ingefluisterd. “Pappa,” zei ze engelachtig, “mamma zegt, dat als jíj het goed vindt, de kerstboom nog wel even mag blijven staan.” Ze glimlachte allerliefst. “Vind je dat goed pappa? Alsjeblieft?”

Jullie begrijpen, die boom staat er voorlopig nog wel.

Versuikerd

Ik knip de dagen uit December.

Ik scheur het jaar in stukjes. Als kleine papiersnippers dwarrelen herinneringen omlaag. Sommige lijken wel versuikerd. Zo zoet, dat ik overweeg er appeltaartjes van te bakken.

Andere zijn bitter. Die wil ik liever kwijt. “Weet je wat,” zegt Paul, “stop ze in een doosje. Breng ze naar de kelder.” Goed idee! Achter de flipperkast is nog wel plek. “Koud hier,” denk ik, als ik afdaal. Ik zie de wasmachine draaien. Rond en rond. Het lijkt wel een klok.

Het oude jaar is grijs. Net als het weer. Misschien moet ik niet in de kelder blijven. Straks word ik nog pathetisch. Ik kan maar beter naar zolder gaan. Het dak eraf gooien! Handig, voor de lente, als ons huis een nieuw hoedje krijgt. Aan de andere kant, het tocht zo. En zonder dak is ook zo wat. Qua eruit gaan dan.

Ik wandel rond in mijn gedachten. Trek hier en daar wat laatjes open. Grappig, zo’n synoptische diaserie. Wat is er weer een boel bijgekomen dit jaar! Een paar sleutels blijken verdwenen. De kinderen zeker weer. Ach, ik vind ze ooit wel terug. Misschien straks, met de voorjaarschoonmaak.

Het duurt nu niet lang meer. Een einde van niets. Een papieren tijger. Vuurwerk op de dunne lijn van een cirkel. Het is niets anders dan normaal. Tenzij normaal opeens anders is, dat kan dan wel weer verrassend uitpakken. Ik wacht maar even af. Ik tel. Nog drie dagen. Dat is 4320 minuten. En 259200 seconden. 259180 nu nog maar.

Ik pak er voor de zekerheid maar vast een nieuw dagboek bij.

Kerstleed

Bleeeh!

Ben niet in kerststemming. Ben moe. Annabel heeft weer de hele nacht lopen klooien. Was zo’n beetje elk uur ‘laar’. Wilde stante pede naar beneden. Wanneer ze haar zin niet kreeg, ging ze krijsen. Om zes uur nam ik haar bij ons in bed. Vanaf dat moment heeft ze op mijn hoofd gezeten.

En om eerlijk te zijn wás ik al niet in een te beste stemming. Gisteren vond ze het nodig om tijdens het (overigens bijzonder lekkere en ongedwongen) kerstdiner bij mijn ouders flink te gaan lopen klierbollen. Er was geen land met haar te bezeilen. Ik heb dan ook bijzonder weinig fazant en haas gegeten, omdat de draak steeds probeerde met haar grote teen de aardappeltjes van mijn bord te biljarten. (Ze zat bij mij op schoot.)

Kortom, ik heb geen zin in kerst vandaag. Ik wil een lekkere warme douche, een flinke pot thee en een film op de bank. Samen met mijn eigen kerstman. Want daar doe ik nu alleen maar chagrijnig tegen. En het liefst, het állerliefst wil ik gewoon, in alle rust, een uurtje slapen.

Zonder die eeuwige sirene aan mijn kop.