Examens

En daar zat ik dan, in het examencentrum.

Een dun wit triplex wandje scheidde mij van mijn examenbuurman. Ik had een droge mond. Ik had nog gevraagd of ik een bekertje water mocht meenemen, maar nee. Dat mocht niet. (Ze dachten natuurlijk dat ik daar met watervaste stift stiekem aantekeningen op ging maken!) Zelfs een eigen pen was uit den boze.

Ik was erg zenuwachtig. Vier examens moest ik maken en ik was nauwelijks voorbereid. Niets voor mij, maar het studeert niet zo lekker met een longontsteking. Bovendien had ik de afgelopen tijd zo’n beetje al mijn vrije uren ‘verslapen’. Ik typte mijn wachtwoord in, keek hoe de eerste vraag op het scherm verscheen en begon.

Het eerste examen: geslaagd. Het tweede: geslaagd. Tegen alle verwachtingen in (vooral die van mezelf!) zag ik achter elkaar ‘geslaagd’ op mijn scherm verschijnen. Na de derde keer ‘geslaagd’ werd ik een beetje overmoedig. Dat laatste examen, daarvan had ik zelfs het studieboek nog goed bestudeerd voor ik ziek werd, dat moest dan helemaal wel goed gaan. Maar dat ging het niet. ‘Gezakt’.

Afijn. De eindscore: drie achten en een vier. Drie keer ‘ja’. Één keer ‘nee’. Mooi van die achten. Jammer van die vier.

Gemiddeld genomen niet slecht gedaan!

Mopperen

Ik kom weer even mopperen.

Ging het dit weekend toch opeens weer een stuk minder met me?! Kon ik weer een theatervoorstelling afzeggen. (Rigoletto dit keer.) Veel geslapen en verder pogingen gedaan om leuk te doen met (en tegen) de kinderen. Ging niet makkelijk.

Heb er flink de pé in. Vind mezelf helemaal niet leuk zo. Ik ben chagrijnig, loop te mopperen en ben op de een of andere manier hartstikke labiel. Goedbedoelde pogingen van Paul om me op te vrolijken ontaarden in ruzie en van de kinderen kan ik niets hebben.

De offerte waar ik me smart op zat te wachten, inzake de verbouwing van de keuken, kwam ook gister binnen. Viel veel hoger uit dan verwacht, terwijl ik nou juist allemaal van die leuke plannen had. Tegenvaller. Luxeprobleem natuurlijk, maar ik kon het even niet hebben gisteren.

En vanochtend zwemmen met Annabel, ging hartstikke goed, begon net weer een beetje positief te denken. (Mooi weer, lentegevoel.) Begint die arme draak op de terugweg ineens de hele auto onder te spugen. En dan ook echt de héle auto! Och heden, arm wurm, arme auto en arm maagje van mamma.

Ik geef toe, heb ik heb wel eens betere, leukere en gezelliger logjes geschreven maar geloof me, meer zit er niet in vandaag. Steunbuigingen en andere opbeurende berichten kunt u hieronder kwijt

Dik, rond en héél tevreden

Ik ben nog wat hees.

Maar verder – op de vermoeidheid na – gaat het uitstekend. Ik heb deze week halve dagen gewerkt en daar waar mogelijk de makkelijkste weg gekozen. (Wat overigens uitstekend beviel, waarom doe ik dat niet vaker?) Kortom, ik was er weer klaar voor.

Klaar om weer eens wat leuks te gaan doen. Tenslotte heb ik de afgelopen twee weken eigenhandig alle leuke uitjes door mijn neus laten boren, niet iets om heel gezellig van te worden. Gelukkig stond gisteravond een dineetje bij vrienden op ’t program. Kwam dat even goed uit!

Afijn, het avondje was zoals het moest zijn. Gezellig, smakelijk en erg relaxed. Help me onthouden dat ik ’t recept van vriendin K. haar cheesecake vraag; niet te versmaden zo lekker. (“Héél simpel,” volgens K., maar ja, dat hoor ik Joop Braakhekke ook altijd zeggen en dan kómt er toch een recept!)

Redelijk op tijd gingen we naar huis. De sparkling wine borrelde nog na in mijn hoofd, het eten had een warm bedje gevormd in mijn maag en mijn hoofd verlangde naar mijn kussen. Ik dook mijn bed in en viel direct in slaap; dik, rond en héél tevreden.

Kat en hond

Ik loop over het schoolplein naar huis.

De bel is al gegaan. Een jongen en een meisje komen aangerend. Groep zeven schat ik. Ze duwen elkaar. “Het is jouw schuld dat we te laat zijn,” roept het meisje. “Nietes, jouwes!” reageert de jongen.

“Doe eens niet zo lelijk tegen elkaar,” moppert een moeder in het voorbijgaan. De jongen snuift en zegt. “Ik zeg alleen maar dat mijn zus stom is. En dat is ze ook.” “Je bent zelf stom,” dient zus haar broer van repliek.

Het stel haalt me in. “Weet je wat het verschil is tussen jou en mijn juf?” hoor ik de jongen vragen. “Nou?” reageert het meisje argwanend. “Van de juf heb ik alleen overdag last,” zegt het mannetje. “Van jou altijd.” Hij lacht om zijn eigen grap. Het meisje haalt haar schouders op. “Sukkel,” zegt ze.

Grinnikend loop ik verder. Hoe herkenbaar. Broer en zus. Kat en hond. Tom en Jerry, Tweety en Sylvester, Donald Duck en Bolderbast. “Later ga je elkaar waarderen,” zeg ik in gedachten tegen het koppel. “Meer dan je je ooit kan voorstellen.” En dan haast ik me naar mijn werk.

Mijn broer wacht met koffie.

Spuitelf

Betutteling alom.

“Doe dan toch een sjaal om,” moppert mijn moeder. “Je bent veel te bloot gekleed. Zéker voor iemand die net een longontsteking heeft gehad.”

“Ja,” knikt Lizzy instemmend. “Luister jij nou eens naar je moeder joh!”

Geschiedenisles

Amersfoort bestaat 750 jaar.

Tijd om de meiden hun eerste geschiedenisles te geven. Omdat de Sesam atlas van de wereldgeschiedenis me wat te ambitieus leek, beginnen we met de favoriete stripheld van Lizzy en Annabel. “Geronimo Stiltons reis door de tijd.” Het startschot klinkt bij de dino’s. We bezoeken de Maya’s en nemen een kijkje bij de Egyptenaren.

Boek twee brengt ons bij de Romeinen. Rare jongens, die Romeinen. Althans, dat vonden Asterix en Obelix. Lizzy en Annabel zien ze wel zitten, die Romeinen. “Leuke jurken,” zegt Lizzy. “Kan jij voor ons ook zoiets maken?” Nou heb ik tijdens mijn studie inderdaad eens moeten leren hoe een Romeinse stola wordt geknoopt. Ik beloof de meiden dat ik het eens zal proberen. “Ga je ons dan ook zo Romeins opkuppen?” vraagt Annabel.

Op het volgende plaatje zien we de Stiltons liggend op de banken van het triclinium (eetzaal). Lui hangend in de kussens laten ze zich door de slaven van allerhande lekkerijen voorzien. “O,” watertandt Lizzy. “Bij de Romeinen mocht je gewoon op de bank eten!” “Ja,” knikt Annabel. “En ze hadden nog geen servetten, ze veegden hun mond gewoon aan hun jurk af!”

Als het verhaaltje uit is, gaat de fantasie van de meisjes met ze op de loop. “Als we zijn gekleed en gekupt als Romeinse meisjes,” begint Lizzy. “Gaan we dan ook spelen dat we ze zíjn?” Ik heb een vermoeden waar dit naar toe gaat en vraag hoe ze zich dit voorstellen. “Wij liggen op de bank in onze mooie jurken en de slaven brengen ons allemaal eten dat we op de bank mogen opeten.” “En pappa en mamma?” vraag ik tegen beter weten in. “Jullie zijn natuurlijk de slaven.”

“Maar lieverds,” zeg ik grinnikend, “dat zijn pappa en mamma toch altíjd al?!”

Amersfoort 750 jaar. Sommige dingen veranderen niet.

De Grote Klets

Ik voel me alweer een stuk beter.

Tijd om te vertellen over vrijdag, de ochtend dat ik op mijn ziekst was. En over hoe mijn grote Klets daarop reageerde.

De wekker ging om zeven uur. Niet dat het nodig was, dat de wekker ging, want ik was toch wel wakker. Ik lag me zwetend en kletsnat te concentreren op de verschroeiende pijn in mijn linkerlong. (“Ik hoor het kraken,” zou de huisarts later onheilspellend zeggen.) Ik vroeg me af hoe ik in godsnaam moest opstaan met die hei-installatie in mijn hoofd en dat lood in mijn benen.

Lizzy kwam bij me onder de douche. “Je mag alleen douchen als je daarna alles zelf doet,” hijgde ik. “Afdrogen én aankleden.” Lizzy knikte. Ze keek me bezorgd aan. Ik hoefde verder niet teveel te zeggen. Ze weet wanneer het menis is. Ze droogde zichzelf af en vertrok naar haar kamertje. Ondertussen voelde ik dat ik even moest gaan liggen.

Netjes aangekleed kwam Lizzy naar me toe. “Blijf maar liggen, mamma,” fluisterde ze. “Ik ga naar beneden en maak zelf wel ontbijt.” Annabel lag naast me zachtjes te snurken. Even blijven liggen. Hoe aantrekkelijk. “Graag lieverd,” zei ik en ik sloot mijn ogen. Ik luisterde hoe ze de trap afliep. Zachte voetjes. Grote meid.

Een kwartiertje later kwam ze weer boven. Ze had ontbeten, zei ze. En nu had ze voor mij, zieke mamma, iets meegenomen. Op het dienblad dat ze droeg zag ik een cracker met kaas en een kop koffie (au lait, ze had zelfs de melk opgeklopt!). Naast de koffie lag een fluitje. “Ik ga naar beneden,” zei Lizzy. “Maar als er iets is, dan blaas je maar op het fluitje.”

Acht, mijn lieve lieve Klets. Loopt het zweet nu ook al in mijn ogen?

Of zijn het toch tranen.

Horoscopen

Ik heb niets met horoscopen.

Maar als je ziek op bed ligt, dan blader je maar wat in een tijdschrift. En dan lees je wel eens iets wat je normaalgesproken niet zou lezen.

Maagd
23 augustus t/m 22 september

Ga er vanuit dat u hulp krijgt en vraag dat dus ook. Wat heeft het voor nut om met een zuur pruimenmondje rond te lopen, terwijl u stug blijft roepen dat er niets aan de hand is.

Tja. En als je kinderen dan, vanaf het moment dat jij ziek bent, de eerste nacht zijn opgevangen door je moeder, de tweede nacht door je schoonmoeder, de buurvrouw boodschappen heeft gedaan, de andere buurvrouw eten heeft gebracht, iedereen smst of je nog hulp nodig hebt en je al twee bossen bloemen in de kamer hebt staan….

Dan zou je bijna in horoscopen gaan geloven!

Dank, dank, dank, lieve vangnetmensen!
Ik voel me alweer een stuk beter!

Ziek

Jajajajaja, ik weet het.

Ik ben eigenwijs. Ik had beter naar mijn lichaam moeten luisteren, naar jullie, naar mijn man, kortom, naar iedereen. Het gevolg van het niet luisteren; ik lig op bed met een longontsteking. Het wordt dus een kort logje.

Het veertje bleek te slaan op een ‘eend’ want we gingen zogenaamde ‘ducktrail’ rijden. Alles teams kregen een eend (auto) mee en wat volgde was een(d) soort speurtocht. De weg zoeken, opdrachten doen enzovoort. Hoewel mijn team niet won hadden we een superleuke dag.

Afijn, er was die dag nog weinig aan de hand. Wel nog steeds hoesten, beetje benauwd, beetje warm, geen trek etc. Maar toen ik ’s avonds thuis kwam ging het opeens een stuk minder lekker. (De drie b’s, benauwd, braken en barstende koppijn.) Heel fijn als je man net in het buitenland zit.

Aangezien ik de psychologische grens van veertig graden koorts inmiddels gepasseerd was, heb ik mijn ouders gebeld of ze a.u.b. de kinderen zouden willen ophalen en ben ik zelf naar de dokter gegaan (inderdaad, ik had iemand kunnen bellen maar eens eigenwijs, altijd eigenwijs). Ik kreeg een diagnose, antibiotica en een uitziekverplichting.

Jullie begrijpen het, echt lekker voel ik me niet. Ik ga weer mijn bed in.