Op een houtje bijten


Dus ik denk: ik zal eens even mijn zorgverzekeraar bellen.

Dat dieetvoer van mij is namelijk best duur en ergens had ik gelezen dat je daarvan een deel vergoed kon krijgen. Slanker = gezonder, zeg maar. Is natuurlijk niet altijd zo, maar weten die zorgverzekeraars veel?!

Afijn. Kreeg een alleraardigst meisje aan de lijn dat me uitlegde dat mijn zakjes niet vergoed werden ‘tenzij medische indicatie’. Nou, die medische indicatie was (gelukkig) niet dus de vergoeding bleek wat magertjes: de aanvullende verzekering deed niets, ik kon alleen aanspraak maken op de basisverzekering voor de consulten met de diëtiste. Vet balen.

“De basisverzekering? Daarop heb ik een flink eigen risico.”
“Als u het niet heeft afgekocht, dan kan dat.”

Nou ja, dat was dus ook geen vetpot. Ik heb immers nooit wat, dus dat eigen risico stond nu flink tussen mijn en mijn centen in. En zo vaak ging ik nou ook weer niet op consult. Ach ja, ik had ook op een andere manier kunnen gaan lijnen. Jammer dan.
“Dus als ik het goed begrijp moet ik eigenlijk eerst mijn eigen risico eh.. opeten… om maar in de dieetsfeer te blijven,” grapje ik.
Het meisje lachte ook.
“Ja,” ze zei, “alleen zou ik in dit verband eerder opsnoepen noemen.”

Kijk, en dan zeggen ze dat ze bij verzekeringsmaatschappijen geen humor hebben!

Die van mij is echt niet wijs!


“O, mamma, ik word toch zó blij van de lente!”

Het is zeven uur en Liz danst de kamer binnen. In een roze pyjama en met een vogelnestje op haar hoofd. Over de lente gesproken.
“Ja? Het is langer licht en zo he?”
“Ja. En gisteren, toen jij naar je werk was, toen heb ik gewoon zonder jas buiten gespeeld. Met korte mouwen.”

Ik ben meteen wakker. Gisteren? Wel alle paaseieren nog aan toe, was dat niet die dag dat ik het maar niet warm kreeg? Dat ik ’s avonds van ellende een heet bad heb genomen en dat ik uit het raam een paar sneeuwvlokken zag vallen? (‘Kssst!” riep ik nog. “Ksst! Ga terug naar je eigen land!” Hielp niks.) Liz kijkt me aan met haar beroemde ‘hoezo-is-er-wat?’-blik Lente = zon = korte mouwen. Toch?

“Eh, Liz?’
“Ja?”
“Met korte mouwen? Ben je niet goed bij je vogelnestje?”
“Hoezo? Ik had het heel warm hoor. En het is toch lente?”
“Hebben wij het over dezelfde lente dan? In welk lánd was jij gistermiddag?”
“Mámma! Ik was gewoon in de achtertuin.”

Pasen wordt kouder dan Kerst, heb ik op nu.nl gelezen. Daar hebben mijn kinderen geen boodschap aan. Die eten er geen ei minder om. Chocolade is extra lekker als het uit de koelkast komt! Sterker nog, ze willen een zomerjurkje aan naar de brunch. En zo is het maar weer bewezen. Kinderen hebben veel fantasie. En weinig last van kippenvel.

Mis jij de lente ook zo? Ik schreef er al eerder over op Miss Perfect (klik).

Ga jij vandaag leren pijpen?


Het is alweer even geleden dat ik schreef over de charmante Meesteres Kate en haar bijzondere beroep.

Ik plaatste bij het blogje een oproep: wie heeft er (ook) een aparte baan? Rianne reageerde erop. Zij is elke dag bezig met pijpen, strippen en het vullen van gaten. Toch heeft ze een stuk minder met Meesteres Kate gemeen dan je zo op het eerste gezicht zou denken…

Gevaarlijke situaties?
“Pijpen houdt in dat je de koelwaterpijpen voormonteert, strippen is kabels bundelen, met tye-rips, om lussen -en daarmee gevaarlijke situaties- te voorkomen.”

Rianne (‘nog net geen dertig’) is vrachtwagenmonteur. Zij en haar collega’s ‘maken’ zo’n 108 vrachtauto’s per dag. Ze plaatsen onderdelen op de juiste plekken, in de zogeheten ‘gaten’ binnen het ladderframe. Klinkt technisch, maar klinkt ook alsof het over iets héél anders gaat!

“Ja he?! Laatst moest ik ergens een onderdeel monteren, was er door een fout al een ander onderdeel in terechtgekomen. Ik riep er een collega bij en we hadden het volgende gesprek.
Collega: ‘O, zit hij in het verkeerde gat?’
Ik: ‘Volgens mij wel.’
Collega: ‘Hoezo dan?’
Ik: ‘Nou, ik heb twee gaten nodig en nu heb ik er nog maar één.’”

Of ik al had leren pijpen

“Dit soort gesprekken hebben we – hoe toepasselijk – aan de lopende band. Toen ik hier net begonnen was, werd er regelmatig gevraagd of ik ‘al had leren pijpen’. En dan moet je weten dat ik de genen heb om snel te blozen. Tja. Dan merk je wel dat je echt in een mannenwereld zit.”

Ai, ik laat mijn spiraaltje vallen!
Rianne is een van de weinige vrouwen in een echt mannenberoep. We spreken van een mannenberoep als minder dan 15 % van de werknemers vrouw is. De top drie van mannenberoepen bestaat uit metaalbranders/lassers, verwarmingsinstallateurs en automonteurs.
Rianne zegt ‘mannenberoep’ niet zoveel. Het maakt haar niet uit of ze met vrouwen of mannen werkt. Al geeft ze toe dat ‘vrouwelijke charme’ soms een voordeel heeft.
“Ik heb wel eens het idee dat er minder geërgerd gereageerd wordt op mij, wanneer ik een fout maak, dan op een mannelijke collega. Bovendien,” voegt ze daaraan toe, “als ik een keer roep ‘oei, ik laat mijn spiraaltje vallen’, dan wordt daar om gelachen. Bij een man doen ze dat niet. Dat vind ik wel humor.”

Geef mij maar een fiets
Maar hoe graag ze de vrachtwagens ook in elkaar schroeft, er zelf in rijden vindt ze – in tegenstelling tot haar zus die vrachtwagenchauffeur is – helemaal niets. Ha! Hebben Rianne en ik toch nog wat gemeen!
“Ik begon met een scooter maar nadat ik in één maand tijd het asfalt vijf keer van dichtbij mocht bewonderen heb ik besloten dat een fiets mijn enige vervoermiddel is.”

Nou ja, Rianne, er zit óók nog wel iets tussen hoor.
“Nee hoor! Ik ben echt een vrachtwagenfan. Mijn kinderen nemen dat over. We kijken altijd ‘of het er een van ons is’.” Dat het gen erfelijk is, bleek al eerder: “Er wordt al mijn hele leven gekscherend geroepen dat er motorolie door onze aderen loopt. De hele familie zit vol met technische mensen. Mijn man werkt bij hetzelfde bedrijf als ik.”

En je kleding? Ik neem aan dat je niet in mantelpak naar je werk gaat?
“Onze kleding is niet spectaculair, grijs met veel zakken, maar ik krijg binnenkort wél nieuwe werkschoenen! Het lijken net ballerina’s. Schoenen met stalen neuzen zijn niet langer alleen maar lomp, hoera!!”

Als ik Rianne tenslotte vraag wat ze nou eigenlijk van haar werk vindt, zegt ze: “Ik vind het super. En nu ik zo jouw vragen beantwoord besef ik helemaal hoe goed ik hier eigenlijk op mijn plaats ben. Dank je voor dit interview!”

Nee Rianne, jij bedankt!


Heb jij ook zo’n bijzonder beroep? We horen het graag!

En dan nog even terugkomend op onze andere ‘tye-rip’ specialiste, Meesteres Kate, zij houdt op 11 april aanstaande weer een open dag in haar studio. Voor wie zin heeft, klik hier.

Van A tot ZZP’er


Erg zeg, had ik gewoon twee dagen lang helemaal geen tijd om te bloggen! Twee hele dágen! Stel je voor!

Ik ga jullie niet vervelen met wat ik deed, zo boeiend was het allemaal niet, maar het was véél. En het duurde láng en het kostte veel vóórbereiding. Een beetje vermoeiend was het allemaal. Echt.

Sowieso was ik maandag nog een beetje aan het bijkomen van de koude zondag in het dierenpark en daarbij was ik ook nog wat slapjes van de zakjes (soort slappe zak eigenlijk). Gelukkig gaat dat nu weer een stuk beter en sta ik weer sterk. Ik ben nu gewend aan het feit dat ik de zak kreeg.

Gelukkig maar want ik moest vandaag een verhaaltje houden over verzekeren van ZZP’ers op de ZZP’er dag van De Redactie Trainingen. Was voor het eerst dat ik voor niet-branchegenoten sprak en ik moet zeggen, ik vond het best zwaar. Had toch een beetje het gevoel dat ik een beetje moest opboksten tegen het algemene wantrouwen dat mensen tegenwoordig hebben, wanneer het financiële producten betreft. Ik presenteer géén sexy product en dat is te merken. Tel daarbij op: een medespreker die tijdens jouw presenatie gaat zitten bellen en vervolgens de zaal uitloopt en je weet zeker dat je flink uit je verhaal bent. Gelukkig werden mijn grapjes hier en daar wel gewaardeerd en kon ik mijn verhaal voor het grootste deel vertellen. Kwam het toch nog goed.

Helaas werd ik op de terugweg getrakteerd op een vette file waardoor ik uiteindelijk pas een goed uur thuis ben, tja, en dan heb je geen tijd meer om te bloggen.

Ach nou ja, wat zeg ik, een kleintje dan. Klein blogje. Want ik kwam dan wel moe en gaar thuis, maar op het moment dat Annabel vroeg: “Zeg mam, hoe ging je spreekbeurt vandaag?” was ik éigenlijk alweer helemaal fit en vrolijk.

Tot morgen! Dan doen we een leuk stukje over het bijzondere beroep van lezeres Rianne!

Van deze en genen

Acteur Sam Levenson zei: ‘Krankzinnigheid is erfelijk. We erven het van onze kinderen.’ Annabel is het daar mee eens. En ze geeft er haar eigen draai aan de erfelijkheidsfactor.

In de turnhal

“Haha, mamma, jij bent langzaam.”
“Zit jij een beetje je oude moeder te plagen?”
“Ben jij oud?”
“Een beetje. Ik word dit jaar al veertig!”
“Pappa is ook oud.”
“Ja?”
“Ja want hij heeft grijze haren.”
“Die heeft hij van jou gekregen.”

(even stil)

“Nee hoor. Dat kan niet. Want ik heb blond haar.”

Wijn in een zakje?


Ik ga aan de zakjes
.

Dat wil zeggen: ik ga afvallen in poedervorm. Met een proteïnedieet. Gewoon, eens even proberen wat het is. Ik heb even een boost nodig, zo aan het begin van de lente. (Lente? Lente? Waar is die lente? Zit zeker ook nog in een zakje!) Ik wil even lekker aan de slag met iets dat niet zo ingewikkeld is.

Ik heb inmiddels de starterstoolkit in huis. Een heel gezellig pakket. Soort blije doos voor voeding. Allemaal verschillende smaakjes en maaltijdjes. Hoeft alleen maar water bij, dus zelfs voor prutkoks als ik geschikt. Groentes voeg je zelf toe, prima toch? Zal ik even mooi slank de zomer ingaan!

Bij het zakjesdieet kun je het zo gek niet bedenken of je hebt het in poedervorm. Soep, omelet, soufflé, havermout. Zelfs smoothies en cappuccino. Enthousiast bekeek ik alle smaakjes en kleurtjes. Pudding, pannenkoek, bouillon. Er ontbrak eigenlijk maar één ding, vond ik. Wijn.

“Wijn moet je echt even niet doen.”
“Ook geen wijn uit een zakje?”
“Nee. Dat bestaat niet.”
“In de supermarkt heb je van die zakken…”
“Nee.”
“Jammer.”

Goed. Afvallen zal ik. Doorzakken niet. En water bij de wijn zal het niet worden. Ik houd jullie op de hoogte.

Meer Esther lezen? Er staan weer nieuwe blogs op Miss Perfect.

Waarom?


Het valt me op dat er wat minder gereageerd wordt.

En als blogger vraag je je dan toch af hoe zoiets komt. Zijn de lezers mij zat? Begin ik mezelf te herhalen, schrijf ik teveel over de kinderen of over (andere) zaken die jullie niet boeiend vinden? Plaats ik te vaak een linkje?

Collega M. zegt dat ik me geen zorgen moet maken. Zij zegt dat het door facebook komt. “Ik ‘like’ nu sneller een stukje waarop ik vroeger zou reageren,” zegt ze. “Dan weet jij dat ik het een leuk stukje vind en dan kunnen mijn facebookvrienden het ook lezen.” Lief natuurlijk. En handig ook. Maar het zorgt wel voor kale plekken onder de blogs. En van kale plekken, daar wordt uw blogster onzeker van. (Net een man, uw blogster!)

Ik meen het ook te zien bij de andere bloggers. Ik heb het gevoel dat dáár ook minder gereageerd wordt. (Of hóóp ik dat alleen maar te zien? Wil ik gewoon denken dat het niet aan mij ligt?!) En steeds vaker vraag ik me af of het inderdaad door facebook komt, of door iets anders. Misschien zijn we wel blogmoe met z’n allen. Toe aan verandering of zo. Mijn bezoekcijfers zijn nog altijd in orde, maar ik wil voorkomen dat ik hier het ‘teken aan de wand’ mis. Vandaar dat ik zo vrij ben om de kwestie even in de groep te gooien.

Ik zie uit naar uw reactie inzake het niet-reageren.

Koetig


Pluto is geen planeet meer.

Dat wisten wij natuurlijk allang (reeds in 2006 besloot de Internationale Astronomische Unie IAU dat Pluto niet langer een planeet mocht zijn), maar voor Annabel is de informatie nieuw.

De reden dat de dwergplaneet uit het officiële plantenstelsel is gegooid, is eigenlijk een beetje flauw. Volgens de ‘nieuwe’ definities mag iets pas een planeet heten wanneer het geen andere hemellichamen op zijn baan heeft (onder andere). Pluto heeft dit wel, hij is te klein om ze van zijn weg te stoten. Dus mocht de kleine niet langer meedoen met de grote jongens.

Annabel, die natuurlijk zelf une petite is, vindt het niet eerlijk. Kleine dingen zijn juist schattig, neem nou de puppy van de buren, het babyzusje van Floor en mini’s van de Albert Heijn. “Koetig,” noemen de Kletsen dat. Koetig is een kruising tussen Cute, snoezig en schattig. Jonge dieren zijn koetig, mamma die probeert cool te doen is koetig en Pluto is ook heel koetig.

Ze is er echt boos over. Sinds ze op school Pluto’s degradatie hebben behandeld, moppert ze aan een stuk door. Kan je voor zoiets een klacht indienen, vraag ze zich af. (Sinds ik onlangs ergens in het bijzijn van de kinderen een klacht ging indienen is het verschijnsel hier erg populair.)

“Ik denk niet dat je hiervoor een klacht kan indienen schat. Maar misschien kan je een brief schrijven naar de Internationale Astronomische Unie? Daar zijn een heleboel astronauten lid van.”

“Mamma?”
“Ja.”
“Kan jij het niet gewoon op je weblog schrijven? Dat ik het zielig vind voor Pluto? En dat ik hem koetig vind? Dan lezen de astronauten het misschien.”

Dat laatste betwijfel ik, maar aan haar wens voldoe ik natuurlijk graag. Dus hierbij.

Het is niet eerlijk!
Het is planetendiscriminatie!
En Pluto is gewoon héél koetig!

NB er staan ook weer leuke nieuwe stukjes op MissPerfect (klik hier)