Léve de Koningin, Máxima!


Zo, de troon is in da pocket. (Ik zág het Willem denken!)

Ik vond het mooi. Echt bijzonder. Merkte zelfs – een beetje verbaasd – dat er een traan over mijn wang liep (soort Maximale ontroering) toen Beatrix na afloop de handen van haar zoon pakte. Paul bleef maar zeggen: “Dit is een historisch moment, meiden!”

“Ja hoor,” mompelde Annabel terwijl ze ondertussen een spelletje deed op de iPad. “Ik vind het een beetje saai.”
Liz volgde het wel. Zij wil alles weten over het Koningshuis (al dagen), over hoe je nou precies Koning of Koningin wordt, of zij nog Prinses van Nederland zou kunnen worden.

“Wordt wel een beetje lastig,” zei ik, “of Amalia moet lesbisch zijn.” Ook geen handige opmerking natuurlijk, moest ik dat weer helemaal uitleggen. Ondertussen werd de akte door een heleboel Belangrijke Mensen getekend en was het Koningschap van Willem A. een feit. “Bea bedankt!”

Annabel was inmiddels weer een level verder met Candy Crush. Ze vroeg wanneer we nou oranje tompoezen gingen halen.
“Na de balkonscène,” zei ik. “En stil nou even.”
Diepe zucht.

“Ik vrees dat Annabel over een jaar of twintig op het museumplein staat met een T-shirt ‘geen mens is illegaal’ aan,” zei Paul.

De weg naar de supermarkt was uitgestorven. Op een paar fietsende oranjefans na. In rood-wit-en-blauw, met oranje kroontjes op, togen ze richting de stad. “Leve de Koningin, Máxima!” Wie zei er dat we – met deze kroning – een kóning kregen?

In de supermarkt bleken de oranje tompoezen uitverkocht.
“We hebben nog wel oranje tulpen!” zei een medewerkster opgewekt.
“Ach ja, serveer ik die wel bij de koffie,” zei ik droog.

Boos gooide Annabel thuis haar oranje boa op de grond.
“Ik doe ook mooi niet mee aan die stomme fietsjesoptocht,” mopperde ze. Ze zag eruit alsof ze elk moment kon gaan ‘waxinelichtje werpen’.

Gelukkig had ik sinaasappelcake gekocht. Dat kalmeerde de gemoederen. Echte rellen bleven uit.

Meer lezen? Ook op mijn eigen site verschijnen regelmatig nieuwe columns.

Advertisements

Annabel ziet ze vliegen


Annabel heeft een parachute in haar buik.

Een parachute. Zo noemt de Klets de parasiet waarvan we sinds kort weten dat hij in haar darmen woont. Ja, ik schreef het al eerder, mijn jongste dochter is creatief met taal. Gisteren nog, kocht ze in de stad vét coole Snickers. Liz verbeterde haar: “Zulke gympen heten sneakers.” Ze hóórde het niet eens.

Behalve een parasiet kwam er een ijzertekort uit de verschillende tests rollen. (Waarschijnlijk een gevolg van de ongenode darmgast.) Dus nu heeft ze vitaminepillen met ijzer én een heel vies drankje dat opvallend veel beter naar binnen gaat als er een stukje chocolade achteraan gaat. Ze is heel dapper, drie keer per dag cloqt ze de clioquinol naar binnen.

Niet zonder resultaat. Want vanochtend, dag twéé van de tiendaagse kuur, wist de patient al te melden dat ‘het hielp’. Op onze vraag wát er precies hielp, kregen we te horen dat het had geholpen tegen de parachute. Ze voelde hem niet meer in haar buik. Paul probeerde haar het verschil tussen een parasiet en een parachute met een grapje uit te leggen (hangt het in de lucht of zit het in je buik?). Vergeefs. (Hij landde niet, zeg maar.)

Annabel was alweer met de muziek mee.
Take your parachute and jump….
Op haar coole Snickers.

Meer blogs lezen? Neem eens een kijkje op mijn eigen homepage.

Kleine meisjes worden groot


Verandering, verandering.

Annabel vindt het zielig dat Beatrix straks geen Koningin meer is. Liz maakt zich druk over het feit dat haar broeken te kort zijn. Soms komt de groei plotseling en ben je er niet op bedacht. Dat kan dan even schrikken zijn. “Verandering hoort bij het leven,” zeg ik, “zoals een oranje tompoes bij dertig april hoort.”

Kleine meisjes worden groot. Ze gaan hun eigen gang. Dat kan wennen zijn, zoals het Koningschap wennen zal zijn voor Willem Alexander en Máxima. Daar mag ik wel eens over bloggen – nu dat nog old school kan – dat heb ik nog helemaal niet gedaan. “Het is een heel speciale Koninginnedag he?” vraagt Annabel, “mag je dan twéé oranje tompoezen?”

Verandering hoort bij het leven. Nederland krijgt een Koning en Vrouwonline een nieuwe site. Nee, Annabel dat is niet zielig. Dat mamma allemaal nieuwe kleren voor Liz moet kopen, dát is zielig. Maar heeft het iets met elkaar te maken? Jazeker kleine meisjes worden groot. Beatrix mag met pensioen, de generatie na haar neemt het over. Over twee dagen is het koopzondag. Dan kopen we nieuwe broeken. “En oranje tompoezen.”

Vrouwonline wordt straks anders, en wij gaan anders bloggen. Dat zal voor ons allemaal wennen zijn, voor ons, voor jullie, maar gelukkig zijn er voor deze verandering geen wanstaltige liederen geschreven. Dat is ook niet nodig, er zit genoeg muziek in ons leven. Want natuurlijk blijf ik hier, óók als het straks verandert. Maar ondertussen ga ik wél opzoek naar de kroon op mijn werk.

Want kleine meisjes worden groot. Die groei hou je niet tegen. En dan kan het zomaar opeens tijd zijn voor verandering. Want ook al is het parttime, uiteindelijk moeten alle kleine meisjes een keer het huis uit.

Vanaf heden blog ik voorlopig hier én hier (klik). Kijk maar, lees maar, deel maar. De eerste blog staat al online.

De proefkiek


“Even een proefkiek.”

Het hoofd van vriendin B. gaat bijna volledig schuil achter haar camera. Ik zie alleen haar krullen die het toestel omlijsten als een soort blonde halo.
“Lachen!”
“Ik lach toch?”
“Ja, als een boer met kiespijn!”

Een van mijn columns verhuist naar een ander blad en er moeten nieuwe portretfoto’s komen. Handig, want ik heb ze eigenlijk ook nodig voor een aantal andere doeleinden. En daarnaast is het gewoon leuk om een setje mooie foto’s van jezelf op voorraad te hebben. Vandaar deze expeditie – in alle vroegte – met vriendin annex fotografe B.

We zijn inmiddels bijna bij het bos als B. ineens weer ‘lachen’ roept en zomaar een foto maakt. De proefkiek.
“Nou,” zegt ze, “die is eigenlijk heel goed gelukt. Jammer van die huizen en auto’s op de achtergrond, maar jij staat er goed op. Dat gaat goedkomen.”

Een paar minuten staan we midden in het bos.
“Zoek eens een mooi boom uit,” beveelt B.
“Ik ben geen hond,” mopper ik.
Toch doe ik wat ze zegt. Ik ga voor een grote eik staan en kijk – naar mijn idee – bevallig en toch stoer.
“Doe eens niet zo krampachtig.”

B. dirigeert me naar voorts richting een grote struik die – volgens haar haar- bijzonder geschikt is als achtergrond. Er lopen mensen met honden langs en ik voel me plots een beetje naakt, daar in dat bos. Het maakt het bevallige glimlachen er niet makkelijk op.
“Bijna klaar?” sis ik met mijn kaken op elkaar geklemd.
“Draai eens dertig graden naar rechts en dan een je hoofd een tikkie links?”

Ze is niet makkelijk, vriendin B. Maar ze maakt fantastische foto’s. Ze weet precies hoe ze het beste in mij naar boven kan halen, en dat is fijn, want bij elke uitgave naar je eigen rotkop-met-een-badhairday aankijken maakt het leven er niet beter op.

We gaan nog ruim een uur door. Ik verhuis van struik naar boom en dan weer terug. Ik zwaai met mijn haar, draai links- en rechtsom tot ik duizelig ben en tenslotte vertelt B. een mop zodat ik ‘spontaan’ heel hard ga lachen.

Wanneer we weer thuis zijn en de foto’s selecteren (het zijn er meer dan tweehonderd) zijn we reuze kritisch. Het licht is niet mooi, rare glimlach, plooi in mijn nek.
“Jeetje,” zegt B. als we bij de laatste foto zijn. “Dit is eigenlijk gewoon de mooiste.”
Ik knik. Ze heeft gelijk. Dit is de mooiste.
Het is de proefkiek.

Hebben jullie hem al gezien? Hij staat hier (klik). En als je er dan toch ben, bookmark dan meteen de site. Op vrijdag gaat daar iets spannends gebeuren!

Een nieuwe lente, een nieuw geluid


Het regent vandaag en het is nog wat fris, maar toch!

De lente is er, het nieuwe begin komt eraan! Alles bot uit, het groen schittert en de bloesem springt open. En niet alleen de natuur staat voor een metamorfose….

Ook online is er sprake van vernieuwing. Er gaat iets veranderen, hier, daar én op andere plekken. Op korte termijn en ik kan jullie dit vertellen: spring is in the air! (Vrij vertaald: spring es in de lucht!)

Natuurlijk blijf ik gewoon hier. Maar neem óók alvast maar een kijkje hier (klik) en bookmark de pagina. Echt, je zal er geen spijt van krijgen. Gewoon doen, er zit een heleboel leuks aan te komen.

En om de stemming er alvast in te brengen, hieronder eentje ‘uit de oude doos’. Een kleine Lizzy van net vier en een Belletje van bijna twee.

Zo. Hebben jullie er een beetje zin in?

Tja, ik blijf toch mezelf he?


Langzaam maar zeker word ik een ander mens.

Om te beginnen word ik minder mens – in letterlijke zin – door het gewichtsverlies. Maar ook in mijn hoofd is iets aan de gang. Met elke wegsmeltend pondje voel ik me sterker en – niet onbelangrijk – zelfverzekerder.

Gistermiddag haalde ik wat oude kleding van zolder. Aangezien ik altijd ongeveer tien maten kleding op voorraad heb, zit daar meestal wel iets tussen wat ik ‘weer pas’. Zo vond ik een superleuke paarse broek van Didi, een roze levi’s en nette grijze broek. Sommige items moesten even in de was, andere konden ze de kast in.

Vanochtend was ik in mijn nopjes. De zon scheen, de weegschaal was lief, ik had een fijn weekend gehad en ik had voor vandaag twee leuke afspraken in mijn agenda staan (met potentiele nieuwe opdrachtgevers). Ik stond lang voor de kast en koos uiteindelijk een strakke spijkerbroek, een paars shirt en een wit vest. Hoge laarzen eronder, klaar.

Na het ontbijt stond ik voor de spiegel. Jeetje, dacht ik, ik straal! Mijn haar zit leuk, mijn gezicht staat vrolijk, ik ben een professional. Ik kan prima voor de dag komen. Tomtiedom. Ik draaide nog een rondje en lachte naar mezelf terwijl Annabel achter me kwam staan. Ze hield haar hoofd een beetje schuin en keek naar me via de spiegel.

“Sta je mamma te bewonderen?” vroeg ik lachend.
“Mampje,” zei ze, “je hebt je vest binnenstebuiten aan.”

Goedemorgen zeg!


Ik was moe, echt heel moe.

Al een paar dagen eigenlijk. Ik weet niet precies waarvan. Zo zwaar was mijn week niet geweest, op de Efteling na had ik me niet echt druk gemaakt. En de meiden sliepen beter. (Goed zelfs eigenlijk.) Maar ik was kapot. Ik las een spannend boek, tot half twaalf, toen ging het lampje uit.

Paul stond heel vroeg op, samen met Liz. Laatstgenoemde moest hockeyen ergens een eind weg. Ze vertrokken voor dag en dauw. Annabel werd even wakker en kroop bij mij in bed. We snurkten direct weer verder.

We werden uiteindelijk wakker van de brievenbus. Een beetje gedesorieenteerd keek ik om me heen. Annabel lag naast me, Paul was weg.De zon scheen buiten. Wat voor dag was het vandaag? Ik richtte me op en keek op de wekker. Kwart voor elf. Wááát?! Kwart voor fokking élf? Wel alle koningsliederen nog aan toe, zo laat was ik niet meer opgestaan sinds ik een twintiger was!

Ik rekte me uit en douchte lang. Ongelooflijk zeg, wat had ík lekker geslapen. En Annabel had het blijkbaar ook nodig*. Maar hallo, kwárt voor élf!? Ik schaam me er al de hele dag een beetje voor.

Niet verder vertellen he?!

* Toevallig gisteren de uitslagen gekregen, een (iets) te laag ijzergehalte en een parasiet. (Wordt binnenkort behandeld.) Daar zal de moeheid vandaan komen. Van Liz’ arm wordt volgende week een echo gemaakt.