De officiële zakjesupdate


Op de kop af drie weken!

Zo lang zit ik inmiddels aan de zakjes. In het begin vond ik het erg zwaar. Ik had niet echt honger maar ik voelde me ontzettend leeg. Ik had voortdurend het gevoel dat ik ‘over mijn honger heen’ was. Ken je dat? Geen trek (meer) maar een maag die aanvoelt als een leeggelopen rugbybal. Niet fijn!

Na een dag of vijf verdween dat holle gevoel. Het was nog even zoeken naar het juiste ritme (hoe verdeel je vijf zakjes over één dag?) en ik moest nog even oefenen met het bereiden van groenten in combinatie met de zakjes (niet alle groenten zijn toegestaan) maar na ongeveer twee weken zat ik er echt goed in.

Inmiddels ben ik drie weken verder. Ik ben zes kilo lichter en ik ben best fit. Overdag dan. ’s Avonds hang ik op de bank als een ingestorte wigwam. Ik kom niet om in de energie, maar dat kan natuurlijk ook komen van het (niet-)slaapgedoe hier thuis. Zoiets is niet helemaal te scheiden. Paul vindt me dapper en hij wordt niet boos als ik af en toe mopper over het feit dat de omeletten mijn neus uit komen.

Vlees mis ik in elk geval niet, ik was toch al niet zo’n vleeseter. Ook met de alcohol valt het reuze mee (ik vind het wel ongezellig soms om te weigeren maar cola zero is ook best oké heb ik ontdekt) en wat snoep en koek betreft: no problem. Het enige dat ik écht mis, is fruit. Telkens als ik zo’n lekkere sappige sinaasappel voor de meiden maak, een mango pel of een appel castreer, dan loopt het water me in de mond.

En het gaat nog even duren voor ik het weer ‘mag’. Nog één week alleen maar zakjes en dan ga ik over naar ‘fase 2’. Dat betekent: vier zakjes per dag en één maaltijd met 120 gram mager vlees of vis. Zal dat even een feest zijn?! Fase 2 duurt drie weken.

Na fase 2 komt er ontbijt en fruit bij. We zitten dan nog op twee zakjes per dag (‘zak er lekker in’ zal ik dan misschien wel denken) en uiteindelijk, na totaal 13 weken ‘eindigt’ het plan en eet je weer normaal. Dat is vast ook fijn voor mijn omgeving want ik merk dat niet iedereen begrip voor de zakjes heeft. Vind ik soms wel vervelend. Maar ja, elk dieet heeft bijwerkingen, denk ik dan maar.

Samenvattend:

– Nog één week alleen maar zakjes.
– Na drie weken -6 kilo (wat mij betreft: op de helft)
– Nog vier weken heel streng
– Nog acht weken totaal
– Zal ik alvast mijn lievelingsrokje laten innemen?

Over één maand mag ik weer een sinaasappel. Ik verheug me er nu al op!

Heb jij al eens serieus een dieet gevolgd? En hoe vond je dat? Ben je ervan afgevallen en ben je op gewicht gebleven?

Advertisements

De wedstrijd!


Tja…

Ik had eigenlijk verwacht dat mijn mailbox na de vakantie VOL zou zitten met ‘Je kan er maar beter om lachen’-verhalen en/of foto’s (zie hier voor de wedstrijdoproep), maar niets is minder waar.

Het is digitaal doodstil, om het zo maar te zeggen.

Ik heb wel wat inzendingen gehad, vóór mijn vakantie, een grappig verhaal, een foto van mijn boek op een bijzonder plek, een auto met panne, maar het is nauwelijks genoeg voor een wedstrijd met één categorie, laat staan voor drie categorieën.

Daarom heb ik besloten dat ik de drie categorieën samenvoeg. Er zit weinig anders op. Wat er niet is kan je ook niet verdelen. Vanaf nu is er nog maar één ’Je kan er maar beter om lachen’-wedstrijd en daarbinnen zijn twee prijzen te verdienen, een eerste en een tweede. De inzenddatum is ongewijzigd, 30 augustus, zodat ik op mijn verjaardag, 31 augustus, de winnaars bekend kan maken.

Dus grijp je kans nu het nog kan, wees creatief, graaf in je geheugen. Maak een leuke foto’, een leuk verhaal, stuur een vakantiefoto in, iets van vroeger, in woord, in beeld, het maakt niet uit, als je er maar “Je kan er maar beter om lachen” boven kan zetten.

Inzendingen naar leap@ziggo.nl ovv je naam. Ik ben benieuwd!

‘Je kan er maar beter om lachen’ op vakantie.
“De lekke boot”

Van de regen in de drup


Paul en ik voeren dezer dagen een heel gezonde discussie.

Dat wil zeggen, we praten over de mogelijkheid om mijn auto niet te vervangen (hij is waarschijnlijk total loss, mijn auto). Laten we eerlijk zijn, fietsen is gezond en auto’s zijn dat niet. Ik fiets sowieso al regelmatig naar mijn werk en nu de kinderen wat groter zijn (lees: niet langer mijn fiets belasten) verplaatsen we ons ook zonder auto relatief gemakkelijk.

Paul heeft een goede auto en wanneer we – bijvoorbeeld – een elektrische fiets zouden kopen (zodat hij ook af en toe op de fiets naar zijn iets te ver weg-werk kan), zou ik de auto kunnen nemen wanneer ik hem nodig heb voor mijn werk. Naar de ‘grote steden’ ging ik trouwens toch al nooit met de auto want ik ben eigenlijk een bange schijterd wat autorijden in de stad betreft. Ik raak al in paniek als ik een trambaan zie.

Het enige nadeel van zo’n beslissing is natuurlijk: het weer. Ik vind alles best, ik fiets me gerust de tandjes, ALS HET MAAR NIET REGENT. Als het regent spoelen mijn goede voornemens de put in en heb ik plots een stuk minder compassie met het millieu. Ik vind dat ik nu écht te oud ben om de hele dag met een natte broek aan op mijn werk te zitten. Vroeger, bij wiskundeles, kon ik het nog wel velen, maar nu ik de veertig nader heb ik daar gewoon géén zin meer in.

Dus toen ik vanochtend opstond en de regen op de ramen hoorde roffelen was ik acuut chagrijnig. Ineens leek die elektrische fiets een stuk minder aantrekkelijk en moest ik bijna huilen om mijn lieve, lieve groene Peugeotje dat naar nu eenzaam en ingedeukt bij de garage zijn lot stond af te wachten. Misschien moest ik die expert nog maar eens bellen en zorgen dat hij rap toestemming zou geven om alsnog mijn auto te laten maken.

Weemoedig keek uit het raam. Pijpenstelen. Natte straten, overal plassen, loodgrijze lucht. Ik zag mezelf al ploeteren en druppels van mijn neus blazen. Hoe treurig. Het enige, bedacht ik, het enige goede nieuws was een leuk blogje. Als ik – nog nadruipend van de hoosbui – op kantoor zou zitten dan zou ik een blogje schrijven over hoe zielig ik was in de regen en hoe de maskara tot halverweg mijn kin was gedropen. Ha, dat zou me een mooi verhaal worden.

Alweer wat vrolijker ging ik aan de slag. Boterhammen voor de meiden, haartjes kammen en voor we het wisten waren we een half uur verder en was het tijd om te gaan. Ik pakte mijn tas en, wat was dat nou, het regende niet meer! Sterker nog, er kwam zojuist een waterig zonnetje tevoorschijnt! Ik had mijn fiets nog niet uit de schuur gehaald of het was stralend weer. Geen druppel te bekennen, alleen wat cumuluswolken en na vijf meter fietsen had ik het al warm!

Mooi was dat, mopperde ik tegen mijn fiets. Daar gáát mijn blogje. Daar gáát mijn lollige verhaal over een druipende Esther die stopt bij de garage om om kwart voor negen ’s ochtends een nieuwe auto te kopen.
Schijnt gewoon de zon.
Belachelijk.

Waarom zit dat weer ook altijd tegen in Nederland?!
Getverdemme!

Alarm!

Het was een gemoedelijke verjaardag en de kinderen waren lief aan het spelen.

Zelfs het kleine broertje mocht meedoen en zo nu en dan kwam een van de grote jongens een glas water halen.
“Pak zelf maar,” zei de moeder dan. en ze viste een nootje uit een schaaltje. Iemand zuchtte: “Wat een lekker weer, wat heerlijk dat de kinderen weer zo lekker kunnen buitenspelen!”
Iedereen knikte instemmend.

De oudste jongen kwam weer een glas water halen. En daarna nog een. Het duurde niet lang of er werden complete emmers uit de keuken naar buiten gesleept.
“Ach laat ze maar,” zei de vader. “Ze spelen zo lekker.”

Na een tijdje kwamen de kinderen binnen. “Mogen we chips.”
“Waar is je broertje?” vroeg de moeder.
“Hier!” antwoordde een drijfnat jochie.

“Wat hebben jullie nou weer gedaan?” vroeg de moeder geschrokken! De vader liep naar de keuken om een handdoek te halen.

“We speelden brandweertje,” zei één van de grote jongens opgewekt.
Het natte jochie deed een stap naar voren en zei trots: “En ik was de brand!”

Goed opgelost

Tegenwoordig fiksen we het gewoon zelf. En dat is een stuk voordeliger.

PROBLEMEN VERDWIJNEN ALS SNEEUW VOOR DE ZON

Snelle, slimme oplossingen voor kleine maar vervelende dagelijkse problemen? Goed opgelost! staat er vol mee! Dit boek verlost je op eenvoudige wijze van vele kleine en grote ergernissen.

Het dagelijks leven zit vol onverwachte struikelblokken. Een ongelukje is snel gebeurd: een vlek in de vloerbedekking, uitschieten met het zout tijdens het koken van een feestmaal, een kras in de eettafel door het knutselen met de kinderen.

En wat te denken van allerlei dagelijkse ergernissen: de kledingkast zit zo vol dat er niets meer bij past, de keuken wordt bevolkt door fruitvliegjes, slakken hebben hun buik weer vol gegeten aan de prachtige planten in de tuin. En zo gaat het maar door: een kapotte rits, verbrand avondeten, een klemmende deur, een gast die maar niet opstapt.

Dit boek biedt slimme oplossingen voor al deze veel voorkomende, frustrerende problemen. Iedere oplossing is binnen een paar minuten uit te voeren en kost vrijwel niets. Om er eens een paar te noemen:

– Koolzuurhoudende frisdrank blijkt onmisbaar in de strijd tegen koffievlekken.

– De onderkant van een deur is echt heel eenvoudig te verven… met een stukje tapijt.

– Deukjes in houten meubels zijn (echt waar!) te verhelpen met een flessendop en een strijkijzer.

– Een slimme voorraadkast is zo makkelijk te creëren – daar hoeft geen woonwinkel aan te pas te komen.

In onze wegwerpcultuur lijkt het soms wel gebruikelijker iets wat kapot is gewoon maar te vervangen in plaats van het te repareren, of naar de winkel te rennen voor dure middeltjes om huis-, tuin- en keukenproblemen op te lossen. En dat terwijl de oplossing zo eenvoudig kan zijn. 

Goed opgelost! komt met allerhande oplossingen die binnen handbereik liggen en bovendien nauwelijks of geen kosten met zich meebrengen. Technische tegenvallers, gezondheidsproblemen, keukenellende en sociale ergernissen – Goed opgelost! helpt ze gemakkelijk en snel uit de wereld en bespaart je zo een hoop tijd, geld en irritatie.

Titel: Goed opgelost!
Auteur: J. Bredenberg
Uitgever: Reader’s Digest
ISBN: 9789064078163

Wil je meer weten of dit boek direct bestellen? Klik dan op de afbeelding hieronder.


Goed opgelost!
Goed opgelost!
Bredenberg, J.


Rot op!

In plaats van studieboeken kwam er een brief.

Met codes. En met die codes had ik toegang tot mijn ‘digitale leeromgeving’. Goed. Een digitale leeromgeving.

De digitale leeromgeving bleek te bestaan uit kennismateriaal (ook een manier om een studieboek te omschrijven) en een powerpointpresentatie. Daarnaast was er een interactief deel met oefenvragen. Dat laatste leek me wel aardig, ware het niet dat je de oefenexamens maar één keer kon openen. Zodra je alle vragen had beantwoord en de score was berekend, ging de boel op slot. Dat was niet interactief, dat was hartstikke ágressief!

Echt, ik vind het niets, zo’n studielokaal op internet. Ik word daar niet blij van. Ik word link van al die linkjes en ik wil niet dat zo’n site steeds zegt: “Goedemorgen mevrouw Vuijsters,” Alsof we elkaar al jaren kennen. Bah. Ik heb toch zeker niet met meneer http geknikkerd?!

Om aan mijn studie te beginnen moet ik alles printen. Ik kan niet studeren achter een computer. Mijn studiezin smelt daarvan weg als het gesteente bovenin Ijslandse vulkaan. Vanochtend ontving ik een e-mail met daarin mijn examendata. “Voor het cursusmateriaal kunt u de digitale leeromgeving raadplegen.”

Rot op met je digitale leeromgeving.
Ik wil gewoon studieboeken!

De vis wordt duur betaald

Het spelletje gaat werkelijk nergens over.

Rijtjes van drie maken op de Nintendo, dat is alles. Drie diamantjes, drie steentjes, drie munten. Drie, drie drie. Wie ‘Bejeweled’, ‘Cradle of Rome’ en ‘Jewel Quest’ wel eens gespeeld heeft, weet wat ik bedoel. Speel alle vakjes ‘open’ en ga je naar een volgend level. Simpel en verslavend.

Hier in huis zijn we momenteel into Fishdom, een drie-op-een-rij spel met zeesterren, kwallen en octopusjes. Fishdom is Duits maar dat maakt het spel niet minder leuk; je speelt namelijk om geld. En met dat geld kan je vervolgens leuks kopen voor ‘jouw’ interactieve aquarium. Hoe meer geld, hoe duurder je vissen en hoe mooier het aquarium.

In het begin hadden de kletsen nog wel het geduld om zelf levels te halen. Zaten ze samen op de bank, na het behalen van een monsterscore, een mooie vis uit te zoeken. Maar naarmate het spel moeilijker werd, en ze vaker achter het visten, nam de frustratie toe. (Ze hebben wel hun eerste Duitse zin geleerd: “Du hast verloren!”). Om een lang verhaal kort te maken, bij level dertien haakten ze definitief af.
En toen riepen ze hun vader.

“Ach,” zei Paul toen hij mij bedenkelijk zag kijken. “Als ik ze nou af en toe wat help met een leveltje, dat gééft toch niet?!”
Nee.
Maar ondertussen zat hij uren op de bank met zijn neus boven de Nintendo, terwijl de rich bitches zich met de voortgang bemoeiden. “Pappa, heb je nou al geld voor ons verdiend?” “Kunnen we nu die mooie vis kopen?” En als hij dan uiteindelijk, duidelijk vermoeid, de DS aan de meiden teruggaf, waren ze na twee minuten alweer door het geld heen.

“Op,” riep Lizzy, terwijl ze met een nonchalant gebaar de DS aan Paul teruggaf. “Haal jij nog een paar levels?”

Gisteravond lag ik al bijna te slapen toen ik naast me opeens geblieb en geblubber hoorde. Ik draaide me om en zag, ter hoogte van Pauls kussen, een flauw blauw schijnsel. “Wat ben je aan het doen,” vroeg ik verbaasd. Het antwoord had ik natuurlijk kunnen raden: “Geld verdienen, voor de meiden.”

Vanochtend was het geld alweer op nog voor de cornflakes op tafel kwamen. “Jammer hé,” hoorde ik Lizzy zeggen. “Ja,” knikte Annabel. “Pappa had ook niet veel verdiend!”
Grinnikend schonk ik mezelf een kop koffie in.

We hadden ze Paris en Nicole moeten noemen.