Zomaar een vraag


Annabel en haar nieuwe vriendinnetje spelen samen met de playmobil.

Het is voor het eerst dat het meisje hier is komen spelen en ze hebben – op de grond, onder de kerstboom – een kerststal gemaakt. Daarnaast wordt gewerkt aan een dierentuin en een speelpark. De meisjes gaan helemaal op in hun spel en over alles wordt vergaderd.

“Hier komt de zweefmolen, de baby’s mogen er niet in.”
“Nee, die kunnen in het zwembad.”
“Is dat niet te koud nu?”
“Nee, hier is het zomer.”

Soms praat er ook een poppetje. Dan zegt één van de figuurtjes opeens dat hij wil slapen en dan wordt hij subiet door een van de twee meisjes in bed gestopt. Er is ook een poppetje dat straf heeft, die staat in de hoek.

Tuffy vindt het, net als ik, reuze gezellig in de woonkamer. Op geheel eigen wijze draagt hij bij aan de kerstsfeer door enthousiast Jingle Bells te fluiten. Hoe harder de meisjes gaan praten, hoe luidruchtiger de parkiet wordt. Uiteindelijk fluit hij aan één stuk door terwijl hij ondertussen wild rondfladdert.

Ik zie het vriendinnetje een beetje onrustig worden en ineens – Tuffy heeft net een flink schelle sonate gefloten – kijkt het meisje geïrriteerd op van haar spel. Ze was halverwege een zin en blijkbaar is ze ergens de draad kwijt geraakt. Eerst kijkt ze naar Tuffy en dan naar Annabel. En dan weer naar Tuffy.
“Annabel,” zegt ze streng. “Kan die vogel ook úit?!”

Alternatieve sportles

Stond ik daar gisteravond.

Met mijn zwemtasje bij de kassa. “Mevrouw, we draaien zomerrooster, uw les is een uur geleden al begonnen.” O ja.

Afijn, naar huis gaan, daar had ik geen zin in. Ik besloot op goed geluk bij vriendin C. langs te gaan. We moesten nodig bijkletsen en daar had ik nou nét zin in. Ik stapte weer in de auto en reed naar haar huis. Vriend R. deed open. C. was er nog niet.

Terwijl vriend R. thee zette, bekeek ik hun nieuwste aanwinst. Het leek een soort toetsenbord maar dan zonder toetsen. “Wat is dat?” vroeg ik. “Het Balance Board van de Wii fit.” “Het wát?” “Een Balance Board. Daarmee kan je interactief sporten. Hier, ga er maar eens op staan.” R. zette de televisie aan.

Er verscheen een poppetje in beeld. “Dan ben jij,” zei R. “Je moet hoelahoepen.” Ik bewoog mijn heupen. Het meisje in het scherm begon te heupwiegen. Kleurige hoepels draaiden om haar heupen. “Poe,” zuchtte ik. “Dat is nog flink vermoeiend.”

Na het hoelahoepen ging ik skiën. Dat viel nog niet mee, ik sleepte over alle vlaggen en raakte voortdurend uit de route. Na een paar keer oefenen ging het beter. Maar écht goed, nee. Yoga ging me beter af. Op één been stond ik op het Balance Board. Ik hoorde R. gniffelen toen ik uiteindelijk omviel.

Toen vriendin C. eindelijk thuiskwam stond ik weer te hoelahoepen. “Zeg,” riep ze. “Wat is hier aan de hand? Wat sta jij hier midden in de kamer te heupwiegen? Voor de neus van mijn man?” “Zwemmen ging niet door,” grinnikte ik.

“En nu krijg ik van R. Wii Balance Board-les.”


Add. Op de Wii ben ik een stuk slanker!