Een mooi compliment


Wandelvriendin B. kon gisterenavond geen oppas krijgen en dus werd wandelvriendin B. voor de gelegenheid drinkvriendin B. Ook mooi, want ik was, na het succes van dinsdag, nog steeds in feeststemming.

“Komt goed uit,” riep B. want ik wil proosten op je boek.
Werkelijk, als ik moet borrelen met iedereen die met me wil drinken op mijn boek, dan ben ik de komende maanden stomdronken!

“Ik heb je blog van gisteren gelezen,” zei B. “Over dat jij over de hele avond achter de computer zat en op het moment suprême in de tuin stond. En over hoe ik jou belde om je te feliciteren met je 2000 verkochte aandelen maar dat je zelf nog van niets wist.”
Ik grinnikte. “Goeie hè?”
“En weet je wat me toen opviel?”
“Nee?”
“Nou kijk, ik was er zelf bij. Ik was tenslotte degene die jou belde en toch, toen ik het teruglas, toen zag ik eigenlijk pas hoe grappig het was. Gewoon, door hoe jij het had opgeschreven! Het is alsof de werkelijkheid leuker wordt als jij hem beschrijft.”

Ik bedankte B. voor het mooie compliment en vulde onze glazen. Ik maak de werkelijkheid leuker, dat was best mooi gezegd.

“Daar drinken we op.”
“Proost.”

Lekker snoepen in bed!

De Brugse topchocolatier Dominique Persoone bedacht de chocoladelipstick als letterlijke “ijsbreker” voor op chique feestjes. De gasten moesten namelijk hun vanille-ijs dessert opeten nadat ze de lippenstift hadden opgedaan. Natuurlijk kun je dit zelf thuis ook gaan proberen, maar leuker is het om de lipstick in de slaapkamer te gebruiken! Laat je lief bijvoorbeeld je lippen aflikken of teken figuren op zijn buik die jij subtiel met je tong volgt. Pas wel op: hij smelt snel!

De lippenstiften zijn verkrijgbaar in verschillende chocoladesmaken en kun je kopen in Dominique’s winkel The Chocolate Line in Brugge. Kijk voor het adres op www.dominiquepersoone.be.

De vraag van vandaag

Wordt een mens gelukkig van het winnen van een loterij?

Gisteravond had ik er met Paul een discussie over. (Dit naar aanleiding van een bankafschrift waarop ik – wederom – twee héle euro, gewonnen bij de postcodeloterij, aantrof.) “Ik win het liefst twee ton,” zei ik. “Beetje mijn huis verbouwen, lekker op vakantie maar verder geen al te grote veranderingen.” Paul echter ging direct voor de twee miljoen. Minimaal. Hij zou gaan beleggen, een groot huis bouwen en stoppen met werken. Toen ik er zo eens over nadacht, vond ik het maar een eng idee. Ik wilde niet verhuizen, ik had het hier net zo leuk! En je leven zó radicaal omgooien, daar komt vast ellende van. “Ik betwijfel ten zeerste of een mens van zo’n bedrag gelukkiger wordt,” zei ik. Paul staarde dromerig in de verte. “Ik weet het wel zéker,” besloot hij.

Ik dacht er nog lang over na. Je zou het maar winnen. Twee miljoen of meer. Ik werd al naar van het idee. Echt waar!

Vanaf nu koop ik alleen nog maar halve loten.

En de vraag van vandaag – u voelt hem al aankomen – : Twee ton of twee miljoen?