De kist

Onze witgeschilderde kast is een groot succes.

En succes smaakt naar meer. Zo werkt het nou eenmaal; ben je van de ene ergernis af, valt de andere opeens meer op. Nu de ene kant van de kamer helemaal naar mijn zin was, het oogt veel ruimer, moest ook het speelhoekje van de kinderen er aan geloven.

En dus stuurde ik Paul marktplaats op om een houten kist te zoeken. (Hier is zó verdeeld dat ik degene ben die het fysieke shoppen doet en Paul het digitale.) Al snel vond hij een mooie kist. Eikenhout, goed te schilderen (wit natuurlijk) en groot genoeg voor een heleboel speelgoed.

Gisteravond ging hij hem halen. De kist stond in de hal van een enorm huis. “Het is een prachtige kist,” zei de oude baas die de kist van de hand deed. Hij had een beetje melancholiek geklonken. “Groot genoeg om van alles in op te bergen.” Paul had geknikt en verteld over het kinderspeelgoed. “Ja,” bevestigde de oude man. “Je kunt er écht van alles mee.” Paul vertelde later dat de oude baas een beetje triest naar de kist had gekeken. “Je kunt er zelfs in gaan liggen als het einde nadert,” had hij gezegd.

“Er viel een stilte,” zo vertelde Paul later. “Waarna de oude man zijn keel schraapte en grinnikte. Hij gaf me een knipoogde en zei: ‘Maar ja, het is mijn smaak niet.’”

Advertisements