Heksen!

“Wat gaat u met die vijf pompoenen doen? Ik weet geeneens wat ik er met één zou moeten!”

Verbaasd draai ik me om. De vrouw achter me – ik schat haar een jaar of zestig – kijkt me vragend aan. Terwijl ik de laatste pompoen op de kassaband leg, denk ik na over haar vraag. Ik stel me voor hoe ik iemand eenzelfde soort vraag zou stellen. Bijvoorbeeld: “Wat gaat u met dat gezinspak condooms doen? Ik weet geeneens wat ik er met één zou moeten.”

Nu.

Aangezien de vrouw me de vraag zo eerlijk stelt, besluit ik dat ik haar ook eerlijk zal antwoorden. “Ik heb vrijdagavond een heksenavond,” leg ik uit. “En ik ga voor tien heksen Pittege Pompoensoep maken. Met vleermuisnageltjes.” De vrouw doet verschrikt een stapje achteruit. (Zou dat door de heksenavond komen of door de vleermuisnageltjes?) “Bent u een heks dan?” vraag ze. Ik denk aan Paul en mijn collega’s.
“Soms,” zeg ik eerlijk.

De vrouw staart naar de vijf pompoenen op de kassaband. Ze weet duidelijk niet wat ze moet zeggen. Ik leg haar niet uit dat de heksenavond een Poolse traditie is op zeventwintig november. En dat mijn vriendin S., die de avond organiseert, Pools is. Nee, natuurlijk leg ik dat niet uit. Wanneer je mensen zomaar dingen vraagt, kan je ook zomaar een eerlijk antwoord krijgen. En ja, daar kan dan best een eng verhaal achter zitten!

Precies de reden waarom ik iemand ook nooit naar een familiepak condooms zou vragen.

Esthers pittige pompoensoep met vleermuisnageltjes

1 biopompoen – uitgehold niet geschild, wel gewassen, in stukken –
2 liter bouillon
½ Spaanse peper – in stukjes –
Klein stukje gember – geschild en in stukjes –
2 tenen knoflook
2 middelgrote uien
Mosterd
Zout

Kook de pompoen ongeveer veertig minuten in de bouillon
Giet bouillon af tot gewenste dikte
Roerbak ui, knoflook, gember en peper (zorg ervoor dat de ui ietsjes aanbakt zodat je later in de soep leuke donkere ‘vleermuisnagels’ krijgt).
Pureer pompoen inclusief bouillon en de roergebakken groenten
Voeg een theelepel mosterd toe
Voeg zout toe naar smaak

Eet smakelijk

Overvallen

De zomervakantie heeft me dit jaar overvallen.

Dat wil echter niet zeggen dat hij niet welkom is. Integendeel. De Kletsen zijn er veel meer aan toe dan ik dacht: ze zijn al dagen druk met niets, gaan ’s avonds laat naar bed en slapen ’s ochtends heerlijk uit.

Ook ik vind het zalig.
Blijkbaar ben ik er ook aan toe. En juist omdat het zo onverwachts is, voelt het als een kadootje. Geen gehaast ’s ochtends. Geen boterhammen en tienuurtjes die aan zesendertig eisen moeten voldoen (op maandag geen zoet op brood, op woensdag fruitdag etc.) Lekker thuis koffiedrinken. Desnoods in pyjama en met ongekamde haren. Geen plannen maken en elke dag nemen zoals hij komt.

Maandag hebben we ‘gewerkt’. Opgeruimd, rommel weggebracht en samen met de hulp het huis gepoetst. Tussendoor koffie (met tompoes) in de tuin en af en toe een rondje op de nieuwe step (de kinderen). Waren ze zo maar even een half uur ‘zoek’ en kon ik de krant lezen. “Ik wou dat het nog ochtend was,” zei Lizzy ’s avonds. “Ik vond het zo’n gezellige dag!” Ik lachte. “Je hebt er nog eenenveertig tegoed.”

De volgende dag deden we boodschappen. De kinderen mochten het eten kiezen en helpen koken. We lunchten op mijn kantoor samen met mijn broer. Lizzy heeft haar eigen bureau en Annabel was ‘hulpje’. Mijn broer en ik hadden alle tijd om bij te praten. ’s Avonds keken we voetbal, met een wijntje en een chipje. Annabel viel halverwege in slaap. Lizzy bleef wakker. Ze ging pas na de wedstrijd naar bed. Laat?! Jazeker! Maar vanochtend sliepen ze weer lekker uit.

En zo is de vakantie voor ons begonnen. Heerlijk relaxed en zonder ‘moeten’. Misschien ben ik wel zo ontspannen juist omdat het me dit jaar heeft overvallen. Totaal geen plannen en dus een zalige leegte. Over twee en een halve week gaan we op vakantie naar Italië.

Tot die tijd geniet ik van het genieten.