Kredietcrisis

Maatschappijen, notarissen, leveranciers, banken.

Normaliter zetten ze in december allemaal hun beste beentje voor. Altijd leuk. Mijn persoonlijke wijnvoorraad wordt rond deze tijd aangevuld, hier en daar geven we cadeautjes weg en we lachen om malle gadgets als miniklokken en vreemde mobieltjeshouders.

Begin december bracht de post de eerste ‘kerstwens’. Twee flessen wijn. “Zet maar op dat lege bureau,” zei ik tegen mijn collega. “We verzame- len alles daar alles en verdelen het vlak voor kerst. Of we verloten het.” Goed idee, vond iedereen. De twee flessen wijn werden op het lege bureau gezet.

En nu ís het vlak voor kerst. En ze staan er nog steeds, die twee flessen wijn. Maar dat was het dan ook wel. Er is namelijk niets bijgekomen. Tot grote hilariteit van ons allemaal is het bureau helemaal leeg gebleven. Op die twee treurige flessen wijn na. “Aldus ons kerstoptimisme,” grinnikt een collega. We staren naar onze ‘kerstopbrengst’.

“Eh, allemaal een glaasje dan maar?” opper ik.

Mijn Kerstwens gaat naar …

Vandaag kan iedereen zijn of haar digitale kaarsje branden.

En wel hier. Op mijn weblog. Voor díe persoon die het lichtje in het komende jaar goed kan gebruiken. Dat kan persoonlijk zijn, omdat iemand het zwaar heeft, zakelijk, omdat je zulke leuke collegae hebt, of heel egoïstisch, omdat je er zelf beter van wordt.

In elk geval geldt; “Mijn Kerstwens gaat naar…” is een speciale, éénmalige weblogactie, waarvoor Jomanda speciaal mijn plek op Vrouwonline heeft ingestraald. Goed dat je meeleest dus, want op dit moment spettert de positieve energie al van je scherm af!

Denk goed na over je Kerstwens. En aan wie je hem wil geven. Gepost is gepost. De magie werkt maar één keer. En op eerste kerstdag zal ik de leukste, mooiste en origineelste wensen in een speciale Kerstblog verwerken.

Mijn Kerstwens gaat naar …

Zweeds löfje

Paul heeft weer iets.

Via zijn favoriete veilingsite (denk aan het marmer en de kermisbuksen) heeft hij de hand weten te leggen op een ‘schitterende’ bestekset. Nou was de aanschaf van nieuw bestek wel eens nodig, onze bestekla is nog immer gevuld met restanten uit vorige levens, maar je kán overdrijven.

Zo bestaat onze nieuwe aanwinst bijvoorbeeld uit gerei voor tien man (waar moet ik al die mensen kwijt?) en telt wel twaalf onderdelen per couvert (ik krijg al buikpijn als ik aan het bijbehorende gekokkerel denk). Bovendien moet het bestek eerst ‘gebruneerd’ worden. Nog los van het feit dat ik geen idee heb wat dit is (of wat het kost) lijkt me dit allemaal nogal een onderneming.

“Had je niet beter gewoon een setje bij de Ikea kunnen kopen?” vroeg ik, toen ik de factuur zag. Paul schudde zijn hoofd. “Dit is véél beter, dit bestek heeft een geschiedenis.” Zo! Zullen de piepers daar even lekker van gaan smaken! “Bovendien,” ging hij verder, “twáálf delen per persoon,” stel je voor! “Ja,” dacht ik, “de kletsen hebben al moeite om een mes en een vork uit elkaar te houden, wat moeten die met al dat gereedschap?” Maar ik zei niets.

“Het is Haags Lofje,” ging Paul enthousiast verder, terwijl hij de site op de computer minitiues bekeek. “Haags Lofje, dat is een heel bekend bestekmerk. Klinkt beter dan Ikea hè?” Ik knikte, hoewel ik persoonlijk vond dat Haags Lofje meer klonk als iets eetbáárs dan iets om mee te eten. Ik loerde over Pauls schouder. Het zag er inderdaad mooi uit.

“Er staat dat het verzilverd is,” zei ik. Paul knikte. “Mooi hè?” “Nou,” reageerde ik een beetje bedenkelijk. “Daarom zal je het moeten bruneren. Wat het dan ook is.” Maar volgens Paul was dat allemaal geen probleem. (Alsof hij wél weet wat bruneren is!) “En je Haagse Lofje mag níet de vaatwasser!” “Echt niet?” Nu keek Paul me een beetje geschrokken aan. Hier had hij duidelijk geen rekening mee gehouden. “Nee schat,” zei ik. “Echt niet.”

“Tja,” zei hij uiteindelijk. “Misschien moeten we er dan toch maar zo’n Ikeasetje erbij kopen.”