Viooltjes in de regen

Mijn viooltjes staan er wat treurig bij.

Felle kleuren in de regen: ik word er altijd een beetje triest van. Vandaag is de overtreffende trap van gisteren; de motregen heeft plaatsgemaakt voor een hoosbui. Het huis hangt vol met oranje vlaggetjes en op de kast staan sinds vanmorgen tulpen in allerlei kleuren.

Paul is met de kinderen boodschappen doen. Ze gaan waterijs kopen. Als kinderen eenmaal besluiten dat het zomer is, dan is het zomer. Hoeveel regen er ook valt. Tuffy, de valkparkiet, vliegt los en landt op mijn schouder. Hij wil me een kusje geven. Ik vind hem echt een schatje. Behalve als hij ’s ochtends keihard gaat fluiten.
“Pas op of ik haal mijn buks,” zegt Paul dan. Maar dat meent hij natuurlijk niet hoor.

Vanavond gaan we uiteten.
Met mijn schoonouders. Daar heb ik zin in want we gaan voor de spareribs. Ik hou heel erg van spareribs. En van mijn schoonouders. De kinderen gaan ook mee, die zijn helemaal opgewonden omdat ze ‘naar een echt restaurant’ gaan. “Kluifjes eten,” zegt Annabel. Zo leuk. Hun enthousiasme maakt me blij en geeft me een vlinderig gevoel.

Afijn, je zult het al wel gemerkt hebben, ik heb niets te vertellen vandaag. Dit stukje is slechts een weergave van een gewone ochtend in een doorsnee huis. Verdrietige bloemen maar een zonnig hart. Maar haar is nog nat van de douche en het ruikt zo lekker. Er is niet altijd veel voor nodig om blij te zijn. Zoals ik laatst ergens las:

Taste life, it’s delicous.

Mini-Esther

Het was ‘kijkdag’ in het zwembad.

Een uur lang mocht ik de zwemvorderingen van mijn dochter volgen. Ze deed het geweldig. “Super, je zwemt al bijna hélemaal zelf!” “Wat kan jíj goed rugzwemmen!” De badjuf moedigde haar aan. De badmeester gaf complimentjes. Opgetogen was ik. Glunderend zat ik erbij. Wat was ze goed! Ik zwééfde bijna boven mijn plastic stoeltje.

Tot ik opeens weer met beide benen op de (natte) vloer werd gezet. Ergens achter in het zwembad had mijn meisje het aan de stok met de juf. Waarover was me niet helemaal duidelijk. Totdat ik opeens luid en duidelijk hoorde;

“Liz, houd je kwébbel nou eens dicht!”

Oeps. Hoe herkenbaar.

Wie zijn ze, waar komen ze vandaan?

Bij het station zag ik het eerste stel.

Een jongen en een meisje. Ze droegen een oranje shirt. Zo’n wegwerkerhemd zeg maar. In groepjes van twee hielden ze de boel in de gaten. Ze spraken niet met elkaar. Ze spraken uitsluitend in hun voicerecordertjes.

Eerst dacht ik dat het toeval was. Dat ik toevallig twee van die groepjes achter elkaar zag. Maar gaandeweg begon ik te twijfelen. Ik had er nou al zeker een stuk of tien gezien. Allemaal in van die oranje hemden. Allemaal met opnameapparatuur.

Ook in de stad stonden ze. Ze bekeken de auto’s en rapporteerden. Ik voelde me onderhand een beetje bedreigd. Wat hadden ze nou zoal op te merken? “Blonde dame in groene peugeot. Duidelijk gehaast. Maskaravlekken. Verkeerde kleur lippenstift.” En erger, wie zou later allemaal horen?

Inmiddels ben ik veilig op kantoor. Ik word niet meer in de gaten gehouden. De enige die hier ‘watching’ is, is mijn eigen ‘big brother’. Maar gerust ben ik er niet op. Ik vind het maar een raar verhaal.

Wie waren die oranje-hemden-mensen?

En met wat voor doel stonden ze daar?

Stukje interactie II

Fijn dat er zoveel gereageerd is gisteren!

Ik wist wel dat ik op jullie kon rekenen. En ik twijfel er niet aan dat de redactie van Vrouwonline de verschillende tips and tricks ter harte zal nemen.

Wat betreft het gemiddeld aantal reacties, tja. Misschien moet ik gewoon van het idee af dat de hoeveelheid opmerkingen van lezers de graadmeter is voor de kwaliteit van het geschrevene. Zoals een vriendin gister opmerkte: “Altijd maar weer zeggen dat je leuk schrijft wordt ook saai!” Misschien moet ik jullie gewoon wat meer ‘triggeren‘. Ik mis de leuke discussies die soms op viva.nl ontstonden.

Neemt niet weg dat het gewoon lekker is om ééns in de zoveel tijd je bestaan bevestigd te krijgen. (Beetje Neeltje Maria Min, “Noem mij, bevestig mijn bestaan”) Dat je weer even weet dat mensen er nog plezier in hebben je te volgen. Net zoveel plezier als jíj er nog steeds in hebt om voor ze te schrijven.

En wat betreft de Esthermoeheid (prachtige post van mijn naamgenoot trouwens); gelukkig voert deze niet de boventoon. En inderdaad, er is natuurlijk niet aan te ontkomen dat ik met enige regelmaat in herhaling verval.

Begrijpelijk dus. En daarbij, ik word ook regelmatig héél moe van mezelf!