Weltschmerz


Het is bijna 2012, het einde nadert en ik heb last van wat ik door de tijd heen het Fin de l’année (vrij naar het Franse Fin de siècle) ben gaan noemen.

Het Fin de l’année is een eindejaarsgevoel dat zich enerzijds kenmerkt door toegenomen welvaart en frivoliteit en anderzijds door angst voor de toekomst. De Duitsers hebben daar destijds een mooi woord voor bedacht: Weltschmerz, letterlijk ‘wereldpijn’.

Het is pas zeven december, de Sint is net weg, en ik kan nu al geen kerstliedje meer horen. Opzouten met Chris Rea en Wham. De kinderen blijven maar zeuren dat we (nu) de kerstboom moeten zetten en ik totaal geen zin in alle gezelligheid van de komende maand. Het is pokkeweer, ik ben deze week al vijf keer natgeregend en het liefst zou ik met een kop hete chocomel in bed kruipen.

Waar komt dat gevoel vandaan? Geen idee, het is er gewoon. Het is er gewoon de tijd voor, denk ik. Dingen gaan niet zoals ik wil, ik ben moe en ik krijg een rolberoerte als ik aan kersdiners denk. (Wat is eigenlijk een rolberoerte? Misschien kan ik er voor de gelegenheid beter rolladeberoerte van maken. Met cranberrysaus, dan heb ik meteen een probleem minder want dan maak ik dat als kerstdiner.)
Kijk, ik weet best dat het allemaal onzin is, dat ik gewoon mopper om het mopperen en dat ik basically Kerst hartstikke leuk vind, maar ik zie nu gewoon even sterretjes als ik aan de feestdagen denk.

En dan kan ik natuurlijk schrijven dat ik gewoon een rotdag heb en dat ik strontchagrijnig achter mijn bureau zit, maar zeg nou eerlijk, op die informatie zit natuurlijk niemand te wachten. Wanneer ik echter beweer last te hebben van het Fin de l’année en lijdt aan een ernstige vorm van Weltschmerz, dan hebben jullie vast heel erg met me te doen.

Dan ben ik namelijk niet langer een zeikerd maar gewoon een onverbeterlijke romanticus. En romantici, daar heeft de wereld behoefte aan. Vooral rond Kerst.