Best of both worlds

Het is een mythe dat het ouderschap gelukkig(er) maakt, dat blijkt althans uit dit onderzoek.

Maar het is een féit dat je – wanneer je eenmaal kinderen hébt – éxtra gelukkig wordt van de tijd die je exclusief met je partner kan doorbrengen. Die tijd is namelijk kostbaar en wat kostbaar is, dat is vaak bijzonder. (Dat geldt ook voor die kinderen natuurlijk, maar dat is een ander soort blog.)

In stilte

In dat opzicht hebben Paul en ik veel mazzel met de opa’s en oma’s. Die vinden het altijd heel gezellig wanneer de meiden komen logeren en ja, dat vinden wij dan ook weer gezellig! Natuurlijk, omdat het soms praktisch is – er moet tussen Kerst en Nieuwjaar óók gewerkt worden – maar vooral ook omdat het gewoon heel heerlijk is om in alle rust van de stilte te kunnen genieten.

Kerstblur

Na de Kerstdagen (vier dagen dit jaar, het weekend werd hier ook meegenomen in de grote Kerstblur) waren we elkaar hier een beetje zat, dat merkten we allemaal. De meiden werden steeds klieriger, onze lontjes werden korter en er was vooral veel gemopper. Kortom, de uitnodiging van mijn moeder voor een logeerpartij was erg welkom.

Samen poetsen

Gistermiddag brachten we de meiden weg. En toen we thuiskwamen ging de Top2000 aan. Zelfs het samen schoonmaken was gezellig. Helemaal met het vooruitzicht dat er die avond vrienden zouden komen. Eten & spelletjes als volwassenen onder elkaar.

Balen!

“Ik voel me bijna schuldig hoe lekker ik het vind dat ze even weg zijn”, zei ik tegen Paul. “Daar heb ik geen last van”, antwoordde deze vanaf zijn vaste plek op de bank. “Ik zit alleen nu al te balen dat ze over drie dagen weer thuiskomen.”

Geluksniveau?

De conclusie van het eerdergenoemde onderzoek is dat mensen met kinderen aanvankelijk iets gelukkiger zijn dan mensen die kinderloos blijven. Maar zodra de kinderen er eenmaal zijn, slaat de kleine voorsprong om in een achterstand. Pas wanneer de kinderen uit huis gaan, herstelt het geluksniveau zich.

Ik zeg, gewoon af en toe even uit logeren sturen. Dan heb je best of both worlds en hoef je niet te gaan zitten wachten tot ze het huis uit gaan.

Meer van mij lezen? Mij volgen? Kijk eens op mijn blog www.esthervuijsters.nl

 

Advertisements

Plakje cake erbij?

“Het was heel gezellig bij Tante Wil”, appt mijn moeder. “We hebben mosselen gegeten en haar begrafenis geregeld!”

Mijn moeder is er maar druk mee. Oppassen op haar kleinkinderen, tuinieren, videoclub, begrafenissen regelen… Begrafenissen regelen?! Wacht, hó eens even? Wat is er met Tante Wil dan?

Niet zeuren

Mijn moeder stelt me gerust. Er is helemaal niets met Tante Wil. Tante Wil is – met haar tachtig jaar – kerngezond. Maar ze is helemaal alleen en kennelijk had ze al een paar keer geroepen: ‘ik wil het zus en zo op mijn begrafenis’ en nu hadden mijn ouders maar eens aangeboden om het voor haar op papier te zetten. “Eerst wilde ze niet,” legt mijn moeder uit. “Maar we hebben gezegd: ‘Hup Wil. Niet zeuren. We doen het gewoon, dan ben je er maar vanaf.’”

Mijn moeder kan dat. Zo praten. Ze is kleuterleidster geweest. Dat verklaart alles.

Even bellen

Een paar dagen later krijg ik weer zo’n gezellig appje van mijn moeder. “Je vader en ik zetten ook even alles op papier. Wie er een kaart moet en welke muziek en zo. Als we klaar zijn sturen we jou een uitdraai.” Hm. Toch maar weer even bellen.

“Mam?”

“Ja?”

“Is alles wel goed?”

“Uitstekend, lieverdje. Hoezo?”

“Ik krijg een beetje de kriebels van jullie nieuwe hobby.”

Opgeruimd staat netjes

Wat volgt is een heel verhaal over begrafenissen en hoe slecht die vaak zijn geregeld. Dat mensen zómaar kunnen wegvallen (hé, gezellig), dat ze mij niet met ‘gedoe’ willen opzadelen / dus graag cremeren (mijn ouders zijn van het type ‘opgeruimd staat netjes’) en dat eigenlijk iedereen gewoon zijn wensen op papier zou moeten zetten. “Maar mam”, probeer ik, “kan je dat dan niet wat eh.. discreter doen? Ik vind het helemaal niet leuk om het over jullie uitvaart te hebben. Daar word ik verdrietig van.”

Echt lachen!

Mijn moeder begint te lachen. “Je kan er maar beter om lachen”, zegt ze. En je moet er niet voor weglopen. De dood hoort bij het leven. Nee hoor, niets om verdrietig van te worden. Juist niet! “Ik zeg net nog tegen je vader”,  zegt ze, “dat ik er gewoon lól in heb.” Lol. Wel ja. Ik hoor mijn vader op de achtergrond rommelen. Ik sta kennelijk op de speaker. “En jij pa?” vraag ik, “jij vermaakt je ook nogal?”

“Ja hoor”, zegt mijn vader (plots heel dichtbij), “Het is hier heel gezellig! Kom je ook? Krijg je ook een plakje cake!”

Op www.esthervuijsters.nl lees je nu blogs over mijn vakantie in Kroatië.

Deel dit bericht vooral op Facebook!

Regelmatig hoor ik ouders klagen over het feit dat ze hun eigen kroost voorbij zien komen op Facebook, terwijl het kind in kwestie nergens vanaf weet. Hoe dat kan? Simpel Het kind is erop gezet (of getagd) door andere ouders.

“Ik dacht dat ze gewoon een foto maakte!”

Rare ontwikkeling

Een rare ontwikkeling. En ik begrijp heel goed dat ouders dat vervelend vinden. Ik zou het niet in mijn hoofd halen om zomaar andermans kind zomaar op Facebook zetten. Sterker nog, ik vraag zelfs toestemming aan mijn eigen kinderen om foto’s te mogen plaatsen of een blog over ze te mogen schrijven. Want niet alleen óuders vinden het vervelend, ook het kind zelf wordt er ook niet altijd even blij van.

“Marja en Marietje lekker saampjes knus in het grote bed!”

Exposuredrang

Maar kennelijk zijn er dus ouders die de vriendjes  van hun kinderen te pas en te onpas laten meegenieten van hun exposuredrang. Laatst nog, hoorde ik een verhaal over een meisje dat met een vriendinnetje naar het zwembad was geweest, had die moeder gewoon een filmpje via Vine op Twitter! Daar zou ik ook écht niet blij van worden. Mijn kind trouwens ook niet.

Ouders opvoeden

Kijk, dat we kinderen moeten ‘opvoeden’ wat betreft social media, dat weten we nou onderhand wel.  Ik spraak laatst nog weer een vrouw die bezig was met het opzetten van een cursus social media voor kinderen. Hartstikke goed natuurlijk, dat we ons van het ‘gevaar’ bewust zijn. Maar misschien moeten we onderhand ook eens serieus gaan nadenken over ‘dat andere’ gevaar: de ouders!

Attentie buurtpreventie

Echt, ik geloof onmiddellijk dat het allemaal met de beste bedoelingen gebeurt – het is gezellig en dat wil je laten zien –maar ik geloof dat het tijd wordt om niet (alleen) onze kinderen, maar ook elkáár een beetje in de gaten te gaan houden.

Deel dit bericht vooral op Facebook. Er wordt niemand in getagd.

Foto is van hier en op www.esthervuijsters.nl staat vandaag mijn ultieme verjaarscadeau!

Like of Dislike?

Mijn oudste dochter (11) wil op facebook.

Nou denk je misschien: “Daar heeft zo’n blogger vást geen moeite mee. Die zet tenslotte zelf ‘alles’ al online.” Maar ‘alles’ is natuurlijk relatief. Zo blijven er altijd dingen waarover ik niet schrijf en gaan de foto’s die ik plaats altijd door het moederbreinfilter. Als ik twijfel over een stukje, dan overleg ik het zelfs vaak met de kinderen.

Dikke duim voor dertien jaar

Facebook heeft een leeftijdsgrens van dertien jaar. Ik weet dat veel ouders daar niet zo’n moeite mee hebben. Maar ik twijfel. Als ik haar nu al leer dat liegen over je leeftijd oké is, hoe kan ik haar dan straks aanspreken op het feit dat ze een gelegenheid voor zestienplussers binnengaat als ze net veertien is?! En los van die leeftijd: liegen is sowieso niet netjes.

A-socialemedia-types

Maar de leeftijdskwestie is niet het enige probleem. Zo las ik onlangs dit stuk van Asha ten Broeke, die de confrontatie met een stel reaguuders aanging. Niet bepaald fraai, wat er in het brein van sommige a-“social media”- types omgaat. En dit zijn dan nog ‘losse’ opmerkingen van onbekenden, maar hoe mis gaat het als klasgenootjes zich online met elkaar gaan meten? De cijfers over digitaal pesten zijn op z’n minst alarmerend te noemen.

En nou denk ik heus niet dat het probleem van tafel is als mijn dochter dertien is, maar ze is dan in elk geval een stuk(je) weerbaarder. Minder kwetsbaar misschien. En belangrijk: ik leer haar dat liegen over je leeftijd niet oké is. Dat (leeftijds)grenzen er niet voor niets zijn.

Sociale (Media) druk

Maar de druk hè, de sociale druk. Vriendinnen A. B. En C. zitten ook op Facebook. En die hebben online hartstikke veel plezier. Die ouders doen niet moeilijk, die hebben goede gesprekken over Facebook gevoerd en afgesproken dat ze alles checken wat erop wordt gezet. “Als je het niet toestaat, gaan ze het stiekem doen.” Tja. Dat is ook weer zo.

Ondragelijk saai leven

Persoonlijk heb ik geen slechte ervaringen op internet. Ik ben eens beschuldigd van plagiaat en er is wel eens geroepen dat ik ‘een ondragelijk saai leven’ heb (wat natuurlijk onzin is, want met mijn motoriek is geen dag saai!) maar verder haal ik vooral plezier uit schrijven, delen en de interactie. Dat gun ik mijn dochter ook!

Jullie?

Wat zouden jullie doen? Je dochter voor haar dertiende een facebookaccount geven? Of heeft ze (of hij) er al een? En heb je daar dan afspraken over gemaakt? Hoor graag jullie mening! 

Ik slaap ongelooflijk slecht


Echt, het is afschuwelijk. Niet alleen voor mij, ook voor mijn omgeving, want echt vrolijk word ik er niet van.

Mijn slaapgebrek heeft meerdere oorzaken.
Een week of twee geleden is Annabel tijdens het slaapwandelen (wat ze normaal nooit doet) op haar bureau geklommen. Ik kwam net haar kamer binnen (ik hoorde wat) en ik schrok van haar. “Wat doe jij nou!?” riep ik.
Hierop ‘schrok’ de Kleine Klets wakker en raakte helemaal in de war. Ze wist niet waar ze was en kon alleen nog maar hysterisch gillen. Het duurde een minuut voor ze me ‘zag’. Sindsdien is ze bang in haar bed.

Liz slaapt heel licht, nog steeds. Dus van elke scheet wordt ze wakker. Bel wakker = Liz wakker. En als Liz wakker is, dan wil ze aandacht. Dus als Paul en ik – midden in de nacht – met Bel bezig zijn, dan gaat Liz zich ermee bemoeien. Het gevolg is meestal dat ze boos wordt en blijft storen, leuk, zo’n puber.

En dan is daar tenslotte mijn man. Die is herstellende van een luchtwegeninfectie en die snurkt de sterren van de hemel. Doet hij normaal ook al, maar nu nog een tandje harder. Of ik heb er meer last van omdat ik steeds wakker lig, dat kan ook. In elk geval, ik lig tegenwoordig al wakker ‘in afwachting van’ het circus. Te erg. En ook nog eens heel zielig voor Bel, ik heb dan wel een soort reintegratieplan gemaakt, het zit me natuurlijk hélemaal niet lekker.

Afijn. De make-up onder mijn ogen wordt elke dag dikker maar helpt nauwelijks. En tegen een slecht humeur valt al helemaal niet te smeren. Ik ben bezorgd, boos, moe en verdrietig, ik ben alles door elkaar.

Morele steun (tips?) is méér dan welkom.

Winterefteling

Oké, ik geef het toe.

Ik had gezworen nooit meer een voet op de gelaafde grond van de Efteling te zetten. (Vorig jaar klein drama met klierige kletsen.) Maar ja, als je dan gratis en voor niets een all inclusive dagtripje krijgt aangeboden (via werk), tja, dan is het wel héél onhollands om ‘nee’ te zeggen.

Het gesprek dat we met de kletsen voerden was vriendelijk doch dringend. (“Als jullie gaan zeiken gaan we naar huis.”) En dat hielp. Als waren ze weggelopen uit een spotje van Center Parcs, zo zoet laveerden de meiden door het park. Niets geen gezeur en gemopper, gewoon lekker en ongeremd enthousiast.

We zagen de rode schoentjes, alle sprookjes, de draak (Annabel was hier niet weg te slaan) en natuurlijk de Indische Lelies. We moesten snel naar ‘het draaiende huis’ (Villa Volta) want dat vonden de meiden zo geweldig. We warmden ons aan de knapperende vuren en blancheerden de kinderen in de draaiende kookpotten.

“Ik wil in dat schip,” zei Lizzy aan het einde van de dag. Paul en ik keken elkaar verschrikt aan. Het schip? Dat nare ding waar je maag van in je keel geraakt? Echt niet. “Daar ben je te klein voor,” probeerden we nog. “Nietes,” zei Lizzy. “Mamma moet bij mij blijven,” riep Annabel. Opgelucht keek naar Paul. Hij zuchtte en slofte vervolgens achter Lizzy aan.

“Viel best mee,” zei hij later. “Ik wil nog een keer!” riep Lizzy enthousiast. “We zijn nog niet in de draaimolen geweest,” probeerde ik. Maar nu had Annabel óók iets gezien; de zweefmolen. Dit keer was ik de pineut. Flink misselijk kwam ik er weer uit. De pannenkoek die ik had gegeten zat opeens flink dwars. “We gaan naar de Pandadroom,” fluisterde in Pauls oor. “Dat is gewoon stilzitten.”

Ach ja, alles voor de kinderen. “Het was een geslaagde dag,” zei ik na afloop in de auto. “Zeker,” knikte Paul. “Maar we gaan pas wéér als ze overal alléén in kunnen!”