Maandagochtend


Ik wist niet of ik het wel zou halen.

Om te beginnen viel het bepaald niet mee om de Kletsen uit bed te krijgen. Ze waren, na een week vakantie, gewend aan het lekkere lange liggen en ze hadden niet veel zin om op te staan. Liz was haar poncho kwijt en Annabel de kluts.

Eenmaal beneden hadden de meiden moeite met ontbijten én met het openhouden van hun ogen. Ze zaten apatisch op de bank. Ik pakte hun tassen in, kieperde hier en daar iets een opengesperde mond (‘kom vogeltje, doe eens open’) en besefte dat de koffie er even niet in zat. Wilde ik op tijd komen dan moest ik nú weg.

Liz werd door pappa naar school gebracht terwijl ik Annabel richting auto dirigeerde. Op naar de dermatoloog. (De kleine Klets heeft al sinds haar vierde heel veel last van kalknageltjes en aangezien ze nog geen medicijnen mag gebruiken blijft ze er maar mooi mee zitten. De pedicure waar we trouw elke zes weken naar toegaan wees ons op een nieuwe methode: laseren. Vandaag is de intake.) Fijn dat we zo snel terecht konden. Alleen had ik de afspraak beter niet op maandagochtend kunnen plannen. Man, wat had ik koffie nodig.

In de auto kreeg ik ruzie met de routeplanner. Hij wilde me wel naar het gewenste adres brengen maar alleen als ik ongeveer honderd kilometer (!) om zou rijden. Flink wat gepruts aan diverse knopjes (en een bijna-aanrijding) later bleek dat Nemo (waar we gisteren waren) als tussenadres was ingevoerd dus dat verklaarde een hoop. Kijk, dat krijg je ervan als je zonder fatsoenlijke ‘latte’ op pad gaat.

Het bleek behoorlijk druk onderweg dus ik bad, smeekte en sneed iedereen van de weg af (ja, ik lijk zo lief he? schijn bedriegt) zodat ik in elk geval tijd zou hebben voor één kopje koffie. In die klinieken hebben ze altijd goed geoutilleerde wachtruimtes, daar kon ik vast wel wat scoren. Annabel gaapte naast me en ik deed gezellig mee. Precies op tijd meldde ik me bij de receptie. Ik overhandigde legitimatie, verwijsbrief en verzekeringspas terwijl mijn getrainde neus alvast probeerde de koffierichting te detecteren.

“Alles is in orde,” zei de receptioniste. “U mag plaatsnemen in de wachtruimte. We lopen iets uit.”
Mooi zo, dacht ik. Mooi zo. Tijd voor twéé kopjes koffie!
“Mag jij koffie en thee pakken,” zei ik tegen Annabel terwijl ik de jassen op hing.

“Mamma,” klonk het even later uit de wachtkamer. “Wat betekent ‘defect’?”

Mogen jullie raden wat mamma antwoordde.

Er staan weer leuke – extra nieuwe – blogs op Miss Perfect (klik).

Bye Bye Hyves

That does it.

Telegraaf Media Group koopt Hyves. “TMG krijgt daarmee toegang tot de persoonlijk gegevens van 9 miljoen Nederlanders.” Klinkt onheilspellende genoeg, dunkt me. Ook al “gaan ze die informatie niet rechtstreeks gebruiken.” Aldus de nieuwe eigenaar.

Bye Bye Hyves. Ik ga mijn account beëindigen.

En ik blijf lekker twitteren.
Of misschien wordt het tijd dat ik internationaal ga.
Faceboeken ofzo.

Doe mij maar koffie

“Nou, ik ben wél aan de beurt zeg!”

Mopperend kom ik het kantoor binnen. Mijn broer kijkt me verbaasd aan. “Koffie, Es?” Terwijl ik knik, vit ik door: “Gisteren al dat gezeur met die auto, en nu is mijn telefoon weer kapot.” “Je nieuwe?” Ik knik weer. “Ja, die glóednieuwe ja.”

Mijn broer geeft me een kop koffie en neemt de dode telefoon van me over. “Het schermpje licht wel even op,” zegt hij. “Maar hij gaat meteen weer uit.” Ik neem een slokje koffie. “Ja,” zeg ik. “En nou moet ik weer terug naar die Hork van de telecomwinkel.”

“Kan het zijn,” zegt mijn broer bedenkelijk. “Dat de batterij leeg is?” “Batterij?” herhaal ik onnozel. “Ja,” zegt mijn broer. “Heb je hem al eens opgeladen sinds je hem gekocht hebt?” “Euh. Opgeladen?” Ik voel mijn wangen rood worden wanneer ik de oplader uit de doos vis.

Het einde van het verhaal mag u vandaag zelf bedenken.

Zussen Utrecht

Wat: Heb je met vriendinnen afgesproken om te gaan lunchen, zegt de oppas af! Fijn, wat nu? Zussen in Utrecht biedt een uitkomst, je neemt je dreumes gewoon mee! Bij Zussen regelen ze namelijk op woensdag, zaterdag en zondag kinderopvang van 12.00 tot 20.00.

Waar: Korte Jansstraat 23, Utrecht

Want: Alleen het interieur van Zussen is al een bezoekje waard. Heb lef en bestel na je lunch een cocktails met vers fruit, zeker een aanrader!

In de buurt: Na al die cocktails kun je wel een opkikkertje gebruiken. Proef een kopje espresso in de espressobar van de Brandmeester’s.


 

Giensch

Eigenaresse Mirjam zoekt elk item stuk voor stuk uit en reinigt het voordat het in de winkel komt te hangen. Er wordt niet alleen tweedehands kleding verkocht, maar ook nieuwe items, bijvoorbeeld petticoats en jurkjes van eigen merk.

Waar: Voorstraat 31, Utrecht

Want: Weinig geld? Scoor een mooi vintage item bij Giensch.

In de buurt: Bij Sussies (op nummer 48) ga je terug in de tijd en is werkelijk alles vintage.

Op mijn mooist

Paul is een paar daagjes weg.

Lizzy vindt dat ik er op mijn mooist moet uitzien voor als hij terugkomt. Haar ogen glimmen als ik haar toestemming geef om in mijn klerenkast te duiken. “Zoek maar wat uit,” zeg ik.

Het resultaat zie je hieronder. Ze heeft zelf de foto gemaakt. Jammer dat mijn hoofd er niet opstaat. Dat was namelijk ondertussen door Annabel ‘gedaan’. Alle kleuren van de regenboog op mijn ogen en rouge op mijn lippen.

“Wat zal pappa verrast zijn!” riepen de dames in koor. Nou!

Waar is Esther II?

Zo zeg,

Dat biertje smaakt weer heerlijk! Op de één of andere manier vind ik dit toch meer een bier- dan een wijnland. Alhoewel ik een fris wit wijntje hier ook niet te versmaden vind hoor. Als het over alcohol gaat, ben ik blijkbaar niet zo kieskeurig.

Met dat biertje kunnen we overigens zó aan dat stuk stinkkaas beginnen. Gister waren we zó moe, dat we het helemaal zijn vergeten. Ik was al bezig Paul een stinkscheet toe te dichten, toen bleek dat de koelkast de boosdoener was.

Niet dat ik het erg vond. Welnee. Wanneer je zó wakker wordt als ik deze ochtend, met een ontbijtje en dít uitzicht, dan is je dag al goed. Zo groen, zo fris, het gras lijkt wel geverfd hier. En hoe stijl het stuk ook is, het is altijd perfect gemaaid.

Lizzy en Annabel vermaken zich prima. Ze stuiteren opgewonden door de zalen en de hallen. Alsof ze met niemand rekening hoeven te houden. Het valt niet mee ze hier in toom te houden en het valt helemáál niet mee een stukje te typen.

Wat zou er hier toch in de lucht zitten?