Bijna vertrokken

Gisteravond keek ik op de météo van Aquitaine.

Dat had ik beter niet kunnen doen. Regen. Wolken. Onweer. “Wat doe je toch allemaal?” vroeg Paul toen ik na een half uur nóg zat te googlen. “Ik zoek een site waarop het wél mooi weer is,” antwoordde ik naar waarheid.

Maar die vond ik niet. Dus ging ik maar weer naar de campingsite. Ik bekeek onze cottage, het zwembad en het strand. Alles zag er zonnig en vakantieachtig uit. Ja, dáár wel! “Als het regent is het óók leuk,” zei Paul. “Ja,” zei ik. “Da’s waar.” Maar ik wil gewoon zó graag een zonvakantie!

De spullen zijn ingepakt. Op het laatste moment heb ik een paar extra truien ingepakt. Ik twijfelde even over de regenlaarzen maar besloot ze toch maar thuis te laten. Ik weiger gewoon te geloven dat het zó slecht is dat we met regenlaarzen en poncho’s over de camping moeten baggeren.
Hemdjes heb ik ingepakt. En zonnebrand. Een opblaaskrokodil. Slippers. Bikini’s. Strandlakens. De tas voor onze nachtelijke reis (we vertrekken vannacht om vier uur) staat klaar. Een thermoskan (te vullen met menselijke brandstof; koffie), broodjes en kleine cadeautjes voor de kletsen. We zijn er klaar voor. Een overnachtinghotel zoeken we onderweg.

Afijn, tot zover mijn laatste blogje. Jullie zullen me even moeten missen. En ondanks dat ik júllie óók zal missen, ga ik tijdens mijn vakantie niet bloggen. Ik ga lekker genieten van de omgeving, van de rust en van mijn gezin.

Al dan niet in de regen.