Bijna op vakantie!


En toen was het bijna zover. Toen ging ik bijna op vakantie!

Gisteravond kwam vriend A. langs, net terug uit Kroatië, bruinverbrand en met een fles ongelooflijke bocht voor Paul. Hij had mijn boek gepromoot op de camping, zei hij, hij had zoveel mensen gesproken dat de eerste druk er nu binnenkort definitief doorheen zal zijn.

Nou ja, mocht het zo zijn, dan hoor ik het wel als ik terugkom. Vannacht vertrekken we richting Lyon, we overnachten daar in de buurt en rijden de volgende dag door naar de Provence. Ik wil met de meiden naar Grasse, waar de film ‘Das Parfum’ is opgenomen. Ik wil met ze de parfumfabriek bezoeken waar ik vroeger zelf al eens ben geweest. Ik wil lavendel plukken en wandelen door de bergen. En vooral wil ik lekker buiten zijn.

Tuffy is ook op vakantie; hij logeert bij oma. Vrolijk fluitend zat hij gistermiddag op de achterbank, hij had er zin in, ik zag het aan zijn kuif. Hij had nog nét zijn zonnebril niet op. Bij oma krijgt hij elke dag koek, een feest op zich!

Ik ben druk met het inpakken van de koffers, de Kletsen drentelen een beetje om me heen, ze hebben zoveel zin, zeggen ze. Ze hebben zin om in een hotel te slapen, ze hebben zin om mooie stenen te zoeken in het riviertje en ze hebben zin in Franse Frietjes. Nog even en dan zit de koffer vol, ik moet nog kiezen tussen open en dichte schoenen.

Het zal toch wel mooi weer worden?! Paul zegt dat dat niet uitmaakt, maar dat doet het natuurlijk wel. “Neem je open schoenen maar mee,” zegt Paul. “Livin’ on the edge!” Nou ja, duimen jullie voor mooi weer? Ja? Dat zou echt supertof zijn, dan schrijf ik ondertussen een leuk verslagje als ik daar ben.

En wat die twee paar schoenen betreft? Die neem ik toch maar beide mee. Voor de zekerheid. Tot over (ruim) twee weken, ik zal aan jullie denken als ik met een lekkere latte languit lig.

NB
Denken jullie in de tussentijd nog even na over een leuke “Je kan er maar beter om lachen” inzending?
Deze hier is van Peetje.

Uit de categorie: Boek in beeld

Doe mee met de actie en stuur een leuke foto en/of een leuke anekdote in!

Speciaal voor de zomer van 2012 (u weet wel, die zomer die kwam, zag en héél snel weer verdween, ongeveer net zo snel als het Nederlands Elftal van het EK) heb ik een enorm leuke actie/wedstrijd/prijsvraag bedacht. De inzendtijd is heel ruim, de actie loopt tot 30 augustus ’12 zodat ik op mijn verjaardag (31 augustus) de winnaars bekend kan maken. Winnáárs, ja! We hebben er meer dit keer. De prijzen? Die zijn super! En ik hou ze nog even geheim.

De wedstrijd
Het thema is, hoe kan het ook anders, ‘Je kan er maar beter om lachen’ (JKEMBOL) en de wedstrijd bestaat uit drie onderdelen:

1) Boek in beeld (foto)
Maak een foto van het boek JKEMBOL op een bijzondere locatie of in een grappige situatie. Maakt niet uit met wie/hoe/wat, als mijn boek maar duidelijk in beeld is.

2) Je kan er maar beter om lachen in beeld (foto)
Wederom een foto maar nu van een leuke, grappige of benarde situatie die ‘Je kan er maar beter om lachen’ ademt. Met panne langs de weg, de caravan op zijn kop in de greppel of de krokodil die er met je bikini vandoor gaat, het mag allemaal. Als de foto maar boekdelen spreekt.

3) Je kan er maar beter om lachen in tekst (tekst)
Een verhaal(tje) waarin ‘Je kan er maar beter om lachen’ centraal staat. Dat kan het boek zijn (je ziet iemand bij het zwembad liggen met mijn boek en je maakt een praatje, blijkt dat jullie elkaar via via kennen, zoiets) of het kan het ‘je kan er maar beter om lachen’ gevoel zijn. Bijvoorbeeld een verslag van de zoektocht naar je koffer op de luchthaven terwijl je werd geholpen door een doofstomme medewerker zonder richtingsgevoel.

Waarheen en hoe?
Meerdere keren inzenden mag, zowel foto’s als tekst insturen mag, alle combinaties zijn mogelijk. Foto’s (of situaties) van wat langer geleden: geen probleem. Enige criterium is dat ik tekst en foto’s mag gebruiken voor op weblog, tijdens of na de wedstrijd. Wil je meedoen, mail me dan via leap apenstaartje ziggo punt nl.

Doen hoor! Opleuken die zomer!

Advertisements

Op de rots


Kijk tijdens het lezen van dit stukje regelmatig naar het gezicht van moeder aap.

Hé. Verdomme. Moet je nou die kínderen toch weer zien? Dat is toch niet geloven? Kijk nou, met z’n drieën bovenop het dak. Lekker stampen, lekker schreeuwen. ‘Hé! Ga er eens af, etterbakken!’ Ze wéten toch dat ik dat niet wil hebben? Straks valt er weer eentje af, de kleinste waarschijnlijk, en dan is ’t weer brullen. ‘Niet duwen!’

Tuig. Tuig is het. En ik kan natuurlijk weer nergens heen met die kleine hier. Die is toch al zo gevoelig voor drukte, dan gaat ie nooit slapen. Zie, ja, daar gaat het alweer mis, ‘Hé! Blijf eens met je poten van je zusje af, grote lummel! Neem iemand van je eigen lengte!’ We moeten die oudste echt eens laten testen op ADHD of zo, en die jongste moet op assertiviteitstraining.

Soms denk ik: was ik maar nooit aan kinderen begonnen. Wat een zooitje ongeregeld. ‘Zeg! Hoe vaak heb ik nou al gezegd dat je geen dingen van de grond af in je mond moet stoppen?!’ Als die kleine slaapt dan zal ik eens een goed gesprek met ze voeren, dit gaat zo niet langer. En hun vader is natuurlijk nergens te bekennen. Waar zou die lamzak nou weer uithangen? Die zit zeker weer met de buurvrouw te vlooien. Alsof ik dat niet doorheb.

Denk zen. Denk zen. De schoonheidsspecialiste heeft gelijk: van teveel fronsen krijg je rimpels.

De foto is genomen afgelopen vrijdag in het Dierenpark Amersfoort. Ik was daar met Peetje en de Kletsen en we hadden reuze lol oa bij de apenrots. Het regende veel die dag maar daar hadden we eigenlijk niet zoveel last van.
Een compliment ook voor het Dierenpark: we kregen gratis consumptiebonnen ‘voor als u koud bent van de regen’ en er werden poncho’s uitgedeeld. De ‘dinoburgers’ die we tussen de middag aten waren niet te versmaden en het jonge neushoorntje dat in de modderspeelde met zijn moeder was reuze schattig.

On air


Ik kwam de studio binnen en… ging prompt naast mijn stoel zitten.

Presentatrice Conny Kraaijeveld haakte er tijdens het interview leuk op in en samen stelden we vast dat mijn entree behoorlijk ‘Bridget Jones’ was. Kortom, het was gezellig in de studio van radio M (RTV Utrecht), alwaar ik genoot van mijn eerste échte radio-optreden. Ik was echt zenuwachtig maar dat bleek nergens voor nodig. Heel ontspannen praatten we over mijn boek en achteraf kreeg ik nog een mooi compliment: dat ik zo’n fijne vertelstem had. Kijk, daar knapt zo’n druilerige dag acuut van op!

Het interview op radio M (RTV Utrecht) – inclusief stukje voorlezen – is hier (klik) te beluisteren, vanaf minuut negen.

Zondagmiddagblues


Er is iets heel raars aan de hand. Ik voel me een beetje paniekerig worden als ik aan mijn blog denk. Gewoon, het idee dat ik een stukje moet schrijven, het grijpt me opeens heel erg naar de keel. Ben ik aan vakantie toe? Is het mijn boek? Of zit ik in een soort midlifecrisis?

En het is niet alleen mijn blog. Ik moet ook nog een column voor een ander tijdschrift, die zit me ook al twee weken dwars. Ik begin er niet aan maar krijg wel steevast koude rillingen als ik eraan denk. Ik kan me slecht concentreren en ik kan niets bedenken, laat staan achter de PC gaan zitten en ‘zo maar’ wat tikken (wat ik nu trouwens wel doe, maar dat ter zijde).

Ik weet het niet. Ik slaap slecht, ik ben een beetje mopperig (‘een beetje?!’ hoor ik Paul in gedachten zeggen) en ik kan echt weinig hebben. Ik vind van alles zielig en ik weet niet zo goed hoe ik uit die negatieve spiraal kan komen. Vanochtend brachten de Kletsen ons koffie op bed en daarna hebben we met z’n alleen het huis opgeruimd en heel veel spullen weggegaan. Dat hielp wel iets, het gaf meer ruimte in mijn hoofd en een opgeruimd gevoel. Maar de knoop in mijn maag is er nog niet helemaal mee verdwenen.

Afijn. Morgen weer gewoon een vrolijk stukje, of overmorgen. Of die dag erna. Over iets leuks, iets grappigs of iets flauws. Of misschien toch wel weer iets chagrijnigs want he, je kunt wel overal om blíjven lachen, maar soms lucht even huilen ook wel lekker op.

Ik denk dat ik dat laatste maar gewoon even een potje ga doen.

Hoera! Een fijn nieuw zelfhulpboek!


De 5:1 regel, ik had er nog nooit van gehoord maar voor Harriet Lerner (auteur van onder meer Waarom vrouwen liegen en het nieuwe Huwelijkse voorwaarden) is het één van de basisprincipes van een goede relatie. Ik ben dol op basisprincipes. Ik ben op zoek naar het basisprincipe om de toiletbril gerepareerd te krijgen. Zou de 5:1 regel me daarbij kunnen helpen?

De 5:1 regel, zo lees ik, heeft geen betrekking op de verschillende ruimtes in de echtelijke woning, noch op de (maximale) omvang van de vrouw ten opzichtige van haar man, nee, de 5:1 regel heeft betrekking op de (ideale) verhouding tussen complimenten en kritische opmerkingen tussen partners onderling. In de beginfase van een relatie winnen de complimenten het vaak met gemak van 5:1. Na een paar jaar kunnen ze even gemakkelijk verliezen met 1:5. Wie er attent op is, kan de score ombuigen.

En eerlijk is eerlijk, nu ik er zo eens over nadenk, bij ons is de 5:1 regel best ver te zoeken. Ik mopper veel vaker dan dat ik een compliment geef. Eigenlijk ben ik best een ‘bits’ zoals Annabel het woord zo mooi kan uitspreken.
“Doe die telefoon nou eens weg!”
“Waarom moet ik hier alles doen?”
“Nee, jij kookt lekker vaak!”
“Je snurkt.”
“Hebben de kinderen nou nog niet gegeten?!”
“Wanneer ga je nou eens de toiletbril repareren?

Ai. 0:6 op een dag is geen uitzondering. Wat slecht!

Goed, dat moet dus anders. Vanaf vandaag ga ik de 5:1 regel in acht nemen en de balans herstellen. Ik begin meteen.

Lieve Paul,

1. (Direct:) Wat ben je toch een leuke vent!
2. (Redelijk snel:) En wat kan je lekker masseren.
3. (Even over nadenken: ) Je chili con carne is niet te versmaden
4. (Na iets langer nadenken:) Je bent zó grappig
5. (Heel lang nadenken:) Je vrolijkt mij altijd op

:

1. En waarom moet dat nou in Godsnaam zo lang duren voordat je de toiletbril gerepareerd hebt?!

Meer tips? Het boek Huwelijkse voorwaarden staat vol tips om je relatie te verbeteren inclusief een noodplan voor de vakantie. (Schijnen we nodig te hebben!)

Succes!

Rot op!


In navolging van het bel-me-niet-register krijgt Nederland mogelijk een bel-niet-aan-register om colporteuers, koekenbakkers en verdwaalde kunststudenten (u weet wel, die nozems M/V die altijd te lang aanbellen als de kinderen net slapen) te weren.

Een bel-niet-aan-register. Ik ben vóór. Maar laten we er dan wél meteen een sticker bij doen. (Zó goed werken die registers namelijk niet: ik heb mezelf al minstens zes keer geregistreerd bij bel-me-niet, maar ik word nog steeds gebeld.) Misschien kunnen we iets combineren met de reeds bestaande NEE/NEE sticker? “Rot op, behalve als je Winston Gerschtanovwitz heet” of past dat niet op de brievenbus dan?

En nu we toch bezig zijn, kan er dan ook een spreek-mij-niet-aan-register komen? Voor als ik ongestoord door de stad wil lopen? Echt, ik word niet goed van al die goede doelen, krantenmannen en godsdienstwaanzinnigen die daar elke keer met zo’n veel te blij hoofd op me afstappen. Ik word daar zó gestoord van! En het allerergste, ik word er nog paranoia van ook! Laatst heb ik gewoon een man de huid volgescholden en die arme kerel bleek uiteindelijk gewoon verdwaald! Wilde de weg vragen.

Misschien kunnen we iets via bluetooth regelen? Dat je mobiel een signaal uitzendt, iets waardoor die wandelende reclamezuilen weten dat ze je moeten laten passeren?! Dat ze anders een boete krijgen? Moet kunnen, zoiets bestaat ook op relatiegebied, dat je via je smartphone een berichtje krijgt wanneer er een beschikbare M/V op bijvoorbeeld kwart voor twee loopt.

En mocht dat met bluetooth niet lukken dan volstaat ook hier een sticker. Op je rug. Of een speciaal petje. Vroeger had ik een jas waar achterop stond: I’m not deaf, I’m ignoring you! misschien moet ik eens kijken of ik die nog ergens kan vinden. Zal mijn leven ineens lekker rustig worden zeg!

“Nou nou,” sust mijn broer, wanneer hij ik hem – licht hijgend – deze blog voorlees: “Wil jij misschien een schermpje om je bureau, zus?”